Gepost op

Opgewekt door het leven

De Bhagavad Gita biedt naast de visie van Vedanta, vele waardevolle inzichten voor wie innerlijk wil groeien. Innerlijke groei is niet alleen nodig om emotioneel volwassen te worden en een gelukkig leven te leiden, maar ook om de visie van Vedanta – ik ben het geheel – te begrijpen.

In hoofdstuk zeventien beschrijft Krishna disciplines voor je geest. Hij zegt:

manah-prasādah saumyatvam maunam ātma-vinigrahah |
bhāva-samśuddhirityetat tapo mānasam ucyate || 17.16||

‘Geestelijke opgewektheid, zichtbare opgewektheid, afwezigheid van praatzucht, beheersing van de geest en zuivere intentie, worden (samen) mentale discipline (tapas) genoemd.’

In deze blog wil ik het hebben over de eerste discipline: het verkrijgen en behouden van een opgewekte, blije geest. In de basis betekent dit een acceptatie van jezelf en van de situatie waarin je je bevindt. Het accepteren van je verleden is daarbij inbegrepen. Laten we kijken naar een aantal praktische principes die leiden tot acceptatie en blijheid. Voor deze tekst heb ik gebruikgemaakt van de prachtige ‘Bhagavad Gita Home Study Course’ van Swami Dayananda.

1. Leef van dag tot dag
Dit is een eenvoudig principe dat zorgt voor een opgewekte geest. Als je van dag tot dag leeft, leef je in overeenstemming met de werkelijkheid. Vandaag is werkelijk; morgen ben ik er misschien niet eens. Niet dat ik me daar zorgen over maak. Vandaag leef ik en wat er vandaag te doen is, dat doe ik gewoon. De toekomst kan voor zichzelf zorgen. Het leven wordt dan heel eenvoudig: je hoeft steeds maar één dag aan te kunnen. Je hele leven, steeds maar één dag. De zorgen van gisteren zijn weg. Wat gisteren gebeurde was gisteren. Het is niet vandaag. Als je gisteren een vergissing hebt gemaakt, prima. Je bent nu wijzer. Als je je er vandaag zorgen over maakt, dan verspil je vandaag met je zorgen maken over gisteren.

Het leven van een mier is een goed voorbeeld. De mier is heel druk bezig en heeft ook vrije tijd. Je ziet de mier dan even stilstaan en vervolgens opnieuw aan het werk gaan. De mier lijkt zich niet veel zorgen te maken, ook al leeft en werkt hij op een druk voetpad waar elke dag vele mensen lopen. De mier kan elk moment doodgaan, maar lijkt er niet bezorgd over. Hij blijft gewoon bezig. Als die mier kan overleven, en met hem vele miljoenen, daar midden op de stoep, dan zou het leven dat ik leid, in deze gigantisch grote wereld, ook zonder zorgen mogelijk moeten zijn. De toekomst zal voor zichzelf zorgen. Ik maak plannen voor de toekomst, maar ik leef van dag tot dag.

2. Leef in harmonie met je omgeving
Van dag tot dag leven betekent de dingen doen die er vandaag te doen zijn. Het gaat dan om handelingen die redelijkerwijs van je verwacht worden, gezien de rollen die je speelt in het leven; zoals vader/moeder, werkgever/werknemer, zoon/dochter, buurman/buurvrouw, etc. Als je doet wat nodig is in een gegeven situatie, ondanks dat het misschien niet je voorkeur heeft, dan ben je in harmonie met je omgeving en blijft je geest opgewekt, tevreden en vrij van conflict. Een zekere overgave naar wat er te doen is, waarbij je je voorkeur en afkeer opgeeft, zorgt voor een opgewekte geest.

3. Laat het leven vol verrassingen zitten
Er is ook een wet die zegt ‘wat staat te gebeuren, zal gebeuren’. Dit is een belangrijke schokdemper. Ik doe wat ik kan, maar ik heb niet alles voor het zeggen. Deze overgave aan de resultaten van handeling zorgt ervoor dat je opgewekt en tevreden kunt blijven, ook als het even tegenzit.

Sta even stil bij hoe je leven er nu uitziet. Had je ooit gedacht dat het er zo uit zou komen te zien? Gebeurtenissen ontvouwen zich. Je bevindt je ineens in een situatie die je van tevoren niet had kunnen bedenken. Je ontmoet een oude bekende en het klikt zo goed dat jullie besluiten samen een bedrijf op te richten. Alles gebeurt vanwege een onderliggend plan. Laat het plan zich ontvouwen. Jij leeft van dag tot dag. Je laat jezelf niet meeslepen als drijfhout; jij staat wel degelijk aan het roer, maar tegelijkertijd herken je dat er zich iets ontvouwt in je leven wat zijn eigen bedoeling heeft. Die bedoeling kun je ontdekken op het moment dat het plan zich ontvouwt.

Als je zou weten dat alles volgens jouw plan zal plaatsvinden, dan hoef je niet eens te leven. Stel je voor dat je alles zou weten wat er staat te gebeuren. Voor de rest van je leven weet je al wat je gaat eten als ontbijt, lunch en diner. Je volledige toekomst is tot in de details uitgestippeld en aan je bekendgemaakt. Dan is er niets meer aan! Er zijn dan geen verrassingen, geen onverwachte wendingen in je leven. Als je verrassingen wilt, maak dan plannen voor de toekomst, doe wat je te doen hebt en laat de uitkomst over aan de wetten die het ontvouwen van gebeurtenissen regelen. Een opgewekt mens is klaar voor verrassingen.

4. Gebruik de mantra ‘het is fijn om mezelf te zijn’
Wanneer bezorgdheid, zelfveroordeling of angst oprijst, kunnen we dit verwerken door de juiste houding naar onszelf aan te nemen. Dat zulke emoties oprijzen, daar kunnen we niets aandoen; dat gebeurt. Maar we hebben wel een keuze in hoe we ermee omgaan. Herinner jezelf er aan dat het fijn is om jezelf te zijn. Zeg tegen jezelf ‘Het is fijn om mezelf te zijn.’ Acceptatie van jezelf geeft ontspanning en tevredenheid. Als er gebieden zijn waarin het goed zou zijn om te veranderen, span je daar dan voor in. Maar je hoeft je niet te bewijzen aan anderen. Als iemand anders lelijk over me denkt, dan is dat zijn of haar probleem. Ik accepteer mezelf zoals ik ben. ‘Het is fijn om te zijn zoals ik ben.’ Gebruik een zin als deze als een soort mantra om dagelijks te herhalen.

Ik hoef niets te bewijzen, aan niemand niet, zelfs niet aan God. Als ik mezelf zou moeten bewijzen aan God, dan zou zijn acceptatie voorwaardelijk zijn. Dan wordt God een persoon zoals ieder ander. Als degene die voor je welzijn zorgt jou niet accepteert, wat is dat dan voor een zorg? Stel dat een verpleegster voor een patiënt zorgt, maar hem niet accepteert zoals hij is. Ze klaagt dat hij maar blijft krabben. Terwijl dat zijn probleem is en de reden dat ze voor hem zorgt! Ze kan tegen hem zeggen dat hij niet moet krabben, ze kan hem handschoenen aandoen of zijn nagels knippen, zodat hij geen nieuwe problemen voor zichzelf veroorzaakt. Maar ze zal hem moeten accepteren zoals hij is. Dat is wat zorg is. Acceptatie is uiteindelijk wat telt. Degene die werkelijk om je geven, hebben geen mening over je; ze nemen je gewoon zoals je bent. Als iemand je verkeerd begrijpt en veroordeelt, dan is dat zijn of haar probleem. Herinner je ‘het is fijn om mezelf te zijn’.

5. Vier je leven, elke dag!
Vier niet alleen je verjaardag, maar vier je leven elke dag. Wanneer je ’s ochtends opstaat, erken dan dat het fijn is om te leven. Neem je leven niet voor lief. Je hebt weer een dag erbij om te vieren! Als je onder de douche staat, kun je al beginnen met het plannen van hoe je vandaag wilt vieren. Je hoeft niet elke dag een taart te bakken, maar vier je leven met de dingen die je doet.  Alles wat je doet is een viering van jouw leven. ‘Ik leef vandaag. Het is fijn om te leven. Het is leuk om te doen wat ik doe.’ Dit is opgewektheid van geest.

Het resultaat: een heldere geest en een glimlach op je gezicht
Als je geest deze houding heeft, dan is er helderheid, opgewektheid. De mentale discipline (tapas) is dus om elke keer dat je ontevreden of bezorgd bent, tevredenheid en opgewektheid op te roepen. Die opgewektheid van geest brengt een glimlach op je gezicht. De mentale opgewektheid uit zich in een zichtbare opgewektheid, wat Krishna als tweede aspect van mentale discipline noemt. Deze opgewektheid is niet een gedragsverandering, maar een verandering die ontstaat door een bewust denkproces zoals hierboven beschreven. De Bhagavad Gita leert ons geleidelijk inzien dat we volledig acceptabel zijn.

Gepost op

Het schoonhouden van je geest

De Waarde van WaardenDe Bhagavad Gita spreekt over verschillende waarden voor persoonlijke ontwikkeling. Een van de waarden is śaucam, reinheid. Het is vanzelfsprekend dat we ons lichaam schoonhouden, maar onze geest heeft ook een dagelijkse schoonmaakbeurt nodig om deze helder, liefdevol en opgewekt te houden.

Wat is aśaucam, onreinheid, van de geest? Swami Dayananda zegt in zijn boek ‘De Waarde van Waarden’: “Jaloezie, woede, haat, angst, zelfzuchtigheid, zelfveroordeling, schuld, bezitterigheid, trots, al deze reacties en het klimaat van wanhoop en wrok dat tegelijkertijd ontstaat.”

Net zoals je kleren elke dag een beetje stof verzamelen en je bureau rommel verzamelt, zo verzamelt je geest tijdens ontmoetingen met mensen en situaties dagelijks aśaucam. “Gekoppeld aan gevoelens van voorkeur en afkeer hechten er zich vlekken van afgunst vast, landen er sporen van ergernissen, verschijnen er strepen van bezitterigheid, en bovenal verspreidt er zich het fijne stof van zelfkritiek, schuld en zelfveroordeling.”

Tegenovergestelde gedachten denken
Als er geen dagelijkse reiniging is, uitwendig of inwendig, wordt de taak zwaarder door de ophoping van vuil. Om je geest schoon te houden, is het nodig alert te zijn op wat er zich in je geest afspeelt. Als je merkt dat er gedachten van afgunst, veroordeling of ergernis in je geest zijn ontstaan, dan kun je doelbewust het tegenovergestelde denken. Stel dat je je aan iemand stoort, ga dan na wat zijn of haar goede eigenschappen zijn en herhaal deze een paar keer voor jezelf.  Zo voorkom je dat de gevoelens van afkeer zich vastzetten in je geest als haat.

Swami Dayananda: “Wanneer ik in een ander doordring, zal ik liefde vinden. Ik ben in staat om lief te hebben. Gemanifesteerd of niet, iedereen bezit de kwaliteiten die een mens tot een heilige maken: medeleven, barmhartigheid, liefde, argeloosheid. Zoek doelbewust naar die dingen in een ander mens, die wijzen op zijn of haar menselijkheid en heiligheid. Die zijn in ieder mens te vinden.

Als je je aandacht richt op de sporen van heiligheid in een ander mens, worden alle andere dingen die je in hem of haar waargenomen hebt eenvoudigweg toegeschreven aan fouten, vergissingen, gewoontes, verkeerd denken, verkeerde omgeving, verkeerde opvoeding. Kijk achter de daden om de mens met zijn heilige eigenschappen te zien, want dat zijn de aangeboren menselijke eigenschappen. Heilige eigenschappen zijn de eigenschappen van het zelf, de eigenschappen die waarlijk de menselijke natuur vormen. Negatieve eigenschappen zijn incidenteel: ze komen en gaan.”

Afkeuring of veroordeling van jezelf kan net zo min gerechtvaardigd worden als het afkeuren van anderen. Heb daarom begrip voor je beperkingen, de omstandigheden waarin je bent opgegroeid en je huidige omstandigheden. Zie dat je in staat bent om lief te hebben en eigenschappen bezit zoals vriendelijkheid, medeleven en behulpzaamheid. Weiger om jezelf te veroordelen, en denk op hetzelfde moment doelbewust niet-zelfafkeurende gedachten.  Zo hou je je geest schoon en opgewekt.

Gepost op

Er bestaat geen mislukking

Lotus“Iedereen is begrensd in kennis en begrensd in kracht en kunde. Daarom is iedereen eigenlijk een geboren mislukking. We kunnen er niet eens zeker van zijn dat we veilig de overkant van de straat bereiken. Tijdens het oversteken kunnen we omver worden gereden door een vrachtauto of een motorriksja. We denken altijd dat een ander een ongeluk krijgt, maar het kan ook ons overkomen. Deze onzekerheid, die voortkomt uit de beperkingen in kennis en kracht, betreft alle inspanningen in ons leven. Er is een gerede kans dat je na een bepaalde inspanning niet krijgt wat je wilt, gewoon omdat je kennis en kunde begrensd zijn.
[…]
Zo gezien is iedereen een geboren verliezer. Maar tezelfdertijd: kijk eens naar jezelf. Je bent een succesvol mens. Je schijnt erg veel geluk te hebben, want je was in staat om je mond te openen wanneer je dat wilde. Je eet allerlei dingen en je overleeft het nog steeds. Hetgeen betekent dat God je goed gezind is. Al die jaren heb ook ik gelopen, gesproken, gegeten, verteerd. De hygiënische omstandigheden in India in aanmerking nemend is het een wonder dat ik nog leef! Elke dag is meegenomen. Ik applaudisseer als ik ’s morgens wakker word. Weer een dag erbij! Iedere dag is een gelukkige dag, omdat er geen reden is waarom ik ’s morgens wakker zou worden. Dat applaudisseren is volwassenheid. Ik leef van dag tot dag. Met dat applaus is er een erkenning voor iets dat het verschil uitmaakt tussen succes en mislukking. Ik vind mijzelf altijd succesvol. Niemand is een mislukking. Als je uitademt, waar is dan de garantie dat de adem weer terugkomt? Het hart klopt: lub, dub, lub, dub… Er is een overgang tussen de lub en de dub, en alle geluk is in deze overgang binnengestroomd. Ik zie overal en altijd geluk. Dit is waar we de psychologie voorbijstreven. Ik ben een volwassen persoon als ik erken dat ik, met al mijn beperkingen in macht en kennis, toch heel succesvol ben geweest. En dat er een factor is die onderscheid maakt tussen succes en mislukking. Ik ben een volwassen persoon als ik dat erken. Als iemand deze factor erkent, noemen we hem of haar een godsdienstig persoon. Als deze factor voor iemand werkelijkheid geworden is, noemen we hem of haar een spiritueel verlicht mens. Beiden zijn volwassen. Er zijn niveaus in volwassenheid. Er gaat niets boven volwassenheid.”

Bron: ‘Emotioneel Volwassen‘ – Swami Dayananda

Gepost op

Een meditatie voor innerlijke vrijheid

innerlijke vrijheidAls we willen dat iemand in onze omgeving verandert, is dat meestal niet omdat we de ander willen helpen. Vrijwel altijd is het omdat we vrij willen zijn van het storende gedrag van de ander. We denken (onbewust): als hij/zij verandert, dan ben ik vrij. Dan kan ik weer ontspannen en tevreden zijn. Maar iemand proberen te veranderen, levert alleen maar frustratie op, want we kunnen een ander niet veranderen. Hoe kunnen we dan toch vrij zijn? Door de ander te aanvaarden. In onderstaande meditatie legt Swami Dayananda uit wat deze aanvaarding inhoudt.

Je kunt de tekst een paar keer lezen en vervolgens de tijd nemen om de mensen uit je directe omgeving één voor één voor de geest te halen en ze de vrijheid te geven om te zijn wat ze (in jouw ogen) zijn.

Wat is aanvaarding?
“Wanneer ik iets aanvaard, wat doe ik dan? Is het alleen maar een zin, ‘Ik aanvaard’? Louter een zin houdt nog geen aanvaarding in. Soms aanvaard ik iets zonder het te benoemen.

Aanvaarding impliceert een bepaalde houding van mijn kant. Wanneer ik iets aanvaard, geef ik het de vrijheid om te zijn wat het is. Ik wil niet dat het ding anders is dan wat het is.

Aanvaarding houdt in: vrijheid verlenen aan het te aanvaarden object om te zijn wat het is. In het geven van die vrijheid eis ik niet dat het object anders is dan wat het is. Alleen het woord, aanvaarding, zonder de implicaties ervan te begrijpen, helpt niet.

Ik aanvaard een kind zoals het kind is. Ik aanvaard een boom. Ik aanvaard de zon, de maan. Ik aanvaard een vogel, zijn kleur, zijn gedrag. Ik aanvaard een chemisch product zoals het is. Ik aanvaard suiker zoals het is. Ik aanvaard vergif zoals het is. Aanvaarding houdt niet in dat ik het moet gebruiken. In aanvaarding is er objectiviteit. Ik laat dingen zijn zoals ze zijn.

Mijn verleden aanvaarden
Als het echter gaat om mijn verleden, laat ik het niet zijn zoals het is. Ik aanvaard het niet, omdat het verleden mij pijn heeft gebracht. Als gevolg van mijn hulpeloosheid stelde ik mezelf bloot aan pijn, aan leed. Daarom is het pijnlijke verleden voor mij niet aanvaardbaar. Kan ik mijzelf ertoe brengen om het verleden te aanvaarden? Als ik mezelf ertoe breng het verleden te dragen, ben ik dan in staat om dezelfde persoon te zijn die ik ben wanneer ik de lucht aanvaard?

Hoe aanvaard ik de lucht? Wat voor gemoedstoestand heb ik wanneer ik naar de lucht kijk? Ik wil niet dat de lucht anders is dan hij is. Diezelfde gemoedstoestand pas ik toe op mijn vader en moeder – of ze nu nog in leven zijn of niet. Op dezelfde manier aanvaard ik mijn vrienden, mijn familie, mijn baas, mijn grootouders, mijn kinderen, mijn levenspartner. Ik aanvaard ieder van hen persoonlijk, omdat ik ze de vrijheid geef om te zijn wat ze zijn. Ik verwijt het de lucht niet of zij wel of niet blauw is.

Met deze houding richt ik me op diegenen met wie mijn leven is toebedeeld. Ze zijn allemaal verschillende personages in het drama van mijn leven. Ik bevrijd mezelf van het bekritiseren van ieder van hen. Ik verwijt niemand iets, noch verwijt ik mezelf iets.”

Bron: ‘Morning Meditation Prayers’, Swami Dayananda

Gepost op

De betekenis van de mantra Om

mantra-yogaVan alle Vedische mantras is om verreweg de bekendste. Vele mantras beginnen met om, maar om is zelf ook een volledige mantra. De Vedische geschriften geven zelf de betekenis van om.

De Māndūkya upanishad zegt:

bhūtam bhavad-bhavishyad iti sarvam omkāra eva (1)
‘Wat was, wat nu is en wat zal zijn – alles is enkel om

Om is een naam voor alles, voor het geheel. Je kunt het geheel op verschillende manieren beschrijven. Eén manier is: verleden, heden en toekomst. Een andere manier is: alle vormen en namen. Want waar bestaat het universum uit? Uit ontelbaar verschillende vormen en hun namen.

De Taittirīya upanishad zegt:

om yaśchandasāmrshabho vishvarūpaha, chandobhyo’dhyamrtāt sambabhūva… (1.7)
‘Die om, die zich manifesteerde vanuit de eeuwige Veda’s, blinkt uit onder de Vedische mantras, en omvat alle vormen.’

Dus de Vedische geschriften zeggen: om is een naam voor het geheel. Maar waarom de klank om? Waarom niet een andere klank? Trnnng ofzo?

Als we het geheel een naam willen geven, dan moet het een naam zijn die alle namen, alle klanken, van elke taal, in zich heeft. En voor iedereen, waar ook ter wereld, geldt dat als je je mond opendoet en een geluid maakt, er Aaa ontstaat. Als je je mond dichthoudt en een geluid maakt, krijg je Mmm. Alle klanken in elke taal bestaan tussen deze A en M. En dan is er nog een geluid daartussenin, die kan staan voor alle klanken tussen de eerste en laatste klank. Die klank ontstaat als je je lippen rondmaakt en geluid maakt. Dat is Oe (in het Sanskriet schrijf je dit als ‘U’). Als je A en U samenvoegt, dan krijg je O. Om.

Om sluit alle klanken, alle namen in. En is dus een naam voor het geheel.

Gepost op

Een andere kijk op geluk

ZonWe zoeken het allemaal, elke dag weer: geluk. We ondernemen voortdurend activiteiten om gelukkig(er) te worden. Maar wat is geluk eigenlijk? En is het wel iets om te bereiken? Vedanta biedt hier een unieke kijk op.

Laten we eens onderzoeken wat er gebeurt als je gelukkig bent. Je luistert bijvoorbeeld naar mooie muziek en je geest gaat er helemaal in op. Je wilt niet dat de muziek waar je naar luistert anders is dan het is, of dat je zelf anders bent dan je bent. Jij en de muziek vormen één geheel. Er is geen scheidslijn in je bewustzijn tussen jou en de muziek. Je ervaart volheid, onbegrensdheid, geluk.

Wanneer er een verlangen in je opkomt, dat de muziek iets zachter zou moeten zijn bijvoorbeeld, dan ervaar je jezelf weer als een beperkt, ontevreden individu. Je hebt het idee ‘ik ben de zoeker en dit is het gezochte’ of ‘ik wil dat dit anders is’ en dit creëert een denkbeeldige scheidslijn tussen jou en de muziek.

Het lijkt alsof de muziek je even gelukkig maakte. Vedanta zegt: geluk ben je zelf. Het is niet de muziek die je gelukkig maakt. Het is niet die leuke post op Facebook of je nieuwe auto. De gewenste situatie zorgt er alleen voor dat je je zorgen, verlangens en overtuigingen over jezelf even vergeet. En dan zie je je eigen volheid.

Zodra de wolken voorbij getrokken zijn, zien we de zon. Zo ook zien we ons zelf als de geest alle verlangens, overtuigingen en problemen even loslaat. Als er dan opnieuw wolken langsdrijven, dan zien we de zon niet meer. Maar de zon is nog steeds aanwezig en onaangetast door de wolken. Zorgen en verlangens komen en gaan. Maar geluk gaat niet.

De wereld doet niets af aan jouw volheid
De wereld lijkt ons geluk soms in de weg te zitten. Maar je kunt niet zeggen dat de wereld er niet was in een moment van geluk. De wereld was wel degelijk aanwezig. Je luistert naar mooie muziek, je bent gelukkig. De wereld is er, jij bent er, je geest is er, je oren zijn er. Maar wat is er niet? De zoeker, de ontevreden zoekende jij, die op zoek is naar een gelukservaring.

Geluk gaat nergens heen, net zoals de zon er altijd is, is jouw volheid er ook altijd. De wolken lijken de zon te verbergen, want opnieuw komt er een behoefte op. Waarom eigenlijk, als ik zelf het geluk ben dat ik zoek? Omdat je de waarheid niet kent. Je gaat af op ervaringen. Je weet niet dat je altijd vol en compleet bent. Dat de ervaring van geluk jezelf is.

Je ervaart jezelf altijd
Als je zelf geluk, volheid bent, dan heb je geen nieuwe of andere ervaring nodig. Je kunt jezelf namelijk niet niet ervaren. Wat we nodig hebben is kennis van de ervaring. Dit is wat Vedanta biedt. Je zult moeten weten, herkennen: dit ben ik. Deze volheid ben ik. Het is een volheid die de hele wereld  kan onderbrengen, zonder aangetast te worden. Volheid blijft altijd bestaan. Ook als er wolken voorbij drijven of als wolken zich opstapelen. Vedanta is een onderwijstraditie waarin deze kennis systematisch wordt ontvouwd.

In de Bhagavad Gita vraagt Arjuna op een gegeven moment om een beschrijving van iemand met deze kennis. Krishna antwoordt:

prajahāti yadā kāmān sarvān pārtha manogatān
ātmanyevātmanā tuṣṭaḥ sthitaprajñastadocyate

‘Iemand die gelukkig is met zichzelf, door zichzelf, geeft alle verlangens die in de geest opkomen op, oh Arjuna, zo iemand wordt een persoon met standvastige kennis genoemd.’ Bhagavad Gita (II:55)

Alle verlangens om iets te gaan doen om gelukkig te worden vallen van je af, als je begrijpt dat je geluk bent. Normaal gesproken proberen we onszelf te vergeten door bijvoorbeeld televisie te kijken, maar degene die weet dat geluk haar/zijn ware natuur is, verblijft graag met zichzelf. Want de visie is: aan mij ontbreekt niets.

Gepost op

Karmayoga: handelen in harmonie met je omgeving

liefdeKarmayoga is je handelingen omzetten in een middel voor innerlijke groei.  Eén aspect van karmayoga is het zorgvuldig omgaan met je keuzevrijheid. Je laat je niet leiden door je voorkeuren en afkeren, maar kiest voor gepaste handelingen die in harmonie zijn met je omgeving.

We spelen in het leven een heleboel rollen: die van dochter/zoon, partner, ouder, vriend/vriendin, werknemer/werkgever, buurvrouw/buurman, etc. In al deze rollen wordt er wat anders van jou verwacht. In relatie tot je kind gedraag je je anders dan in relatie tot je werkgever. Elke rol heeft zijn eigen script. Als ik doe wat nodig is in een gegeven situatie, of ik het nu wel of niet leuk vind om te doen, dan ben ik in harmonie met mijn omgeving.

In harmonie leven
Wat betekent het om in harmonie te leven? Ik wil leven, gelukkig leven. Andere wezens willen dat ook. Dit gegeven is de basis voor dharma, een universeel normenstelsel dat we allemaal ervaren. Ik weet dat anderen ook geen pijn willen lijden. Geen mens wil graag gekwetst, bedrogen of bestolen worden. We willen allemaal dat anderen sympathiek en behulpzaam zijn en rekening met ons houden.

Deze universele normen zijn de leidraad om te bepalen of ik iets wel of niet zou moeten doen. Dharma volgen wil kortweg zeggen dat ik mijn omgeving behandel zoals ik zelf graag behandeld zou willen worden. Als ik tegen de natuurlijke orde inga, zal ik mijn omgeving of mezelf tekortdoen. Enkele simpele voorbeelden van doen wat nodig is: mijn werk goed uitvoeren, een luisterend oor bieden aan de buurvrouw, met de hond wandelen en gezond eten.

What’s in it for me?
Het is heel verleidelijk om te doen wat ik leuk vind en niet te doen wat ik niet leuk vind. Maar als ik een ander of mezelf daarmee benadeel is het resultaat dat ik met een conflict in mijn geest blijf zitten. Ik wist namelijk wat juist was om te doen, maar ik deed het niet. Op termijn creëert dit gedrag een innerlijke gespletenheid en daalt mijn eigenwaarde. Ontspannen genieten van eenvoudige dingen in het leven is er dan niet meer bij.

Natuurlijk is er sprake van enige opoffering als ik mijn voorkeur opzij schuif en dharma volg, maar het is de inspanning meer dan waard. Waarom? Als ik dharma volg ben ik bij mezelf. En wat is er meer wenselijk? Mijn handelingen zijn niet mechanisch, maar doelbewust en ik leer van vergissingen. Ik voel me tevreden en succesvol omdat ik dharma vooropstel en mijn voorkeuren en afkeren opzij kan schuiven wanneer dat nodig is.

Hoe meer het me lukt om dharma te volgen, hoe meer ik kan ontspannen. Ik voel me steeds vaker op mijn gemak met mezelf. De vele voorkeuren en afkeren die ik zo lang gekoesterd heb, verliezen hun macht over mij en mijn geest wordt kalm en contemplatief. Universele waarden, zoals niet-kwetsen en behulpzaamheid, worden natuurlijk voor me. Op alle niveaus blijk ik verbonden te zijn met de wereld. Dit is de perfecte voorbereiding voor het begrijpen van de visie van Advaita Vedanta: ik ben het geheel.

Gepost op

Wat is de Bhagavad Gita?

bhagavad-gitaDe Bhagavad Gita is een duizenden jaren oud geschrift dat onderdeel uitmaakt van het grote epos de Mahabharata. ‘Bhagavad Gita’ betekent ‘Lied van God’ en bestaat uit zevenhonderd verzen verdeeld over achttien hoofdstukken. 

De Bhagavad Gita heeft de status van heilig geschrift omdat haar boodschap voor iedereen, in elke tijdsperiode, op elke plaats in de wereld relevant is. Dit komt omdat de Gita over fundamentele onderwerpen gaat, zoals: wat is de oorzaak van menselijk lijden, wat is de wereld en wie ben ik in werkelijkheid?

De Bhagavad Gita geeft op relatief toegankelijke wijze de essentie van de upanishads weer. De auteur Veda Vyasa presenteert de kennis van de upanishads in de vorm van een dialoog tussen Arjuna, een prins en machtige krijger, en Krishna, de leraar.

Het conflict van Arjuna
Het verhaal is als volgt. Een ruzie tussen koninklijke neven is uitgelopen op een oorlog. Arjuna staat midden op het slagveld, met zijn strijdwagen en Krishna als zijn wagenmenner, klaar om te vechten voor het behoud van dharma (harmonie) in het koninkrijk. Maar zodra hij zijn familie, leraren en vrienden voor zich ziet en beseft dat hij ze zal moeten doden om de oorlog te winnen, raakt hij hevig in conflict met zichzelf.

Aan de ene kant heeft Arjuna als krijger de plicht om te vechten en dharma in zijn rijk te handhaven, aan de andere kant voelt hij een grote liefde voor de mensen die hij voor zich ziet staan. Hij weet niet meer wat juist is om te doen.

Krishna onderwijst innerlijke groei en zelfkennis
Arjuna zakt in elkaar van verdriet. Hij is niet in staat om te vechten en vraagt Krishna om hulp. Krishna zegt: je hebt geen reden voor verdriet, want het zelf is onverwoestbaar –

‘Wapens kunnen het (zelf) niet klieven; vuur kan het niet verbranden; water kan het niet bevochtigen; zelfs de wind kan het niet verdrogen. Het (zelf) kan niet worden gekliefd, verbrand, bevochtigd of verdroogd. Het (zelf) is voorbij tijd, allesdoordringend, onbeweeglijk en onveranderlijk.’ (verzen 2.23 en 2.24)

Krishna leert Arjuna om te gaan met zijn emoties, om emotioneel volwassen te zijn in deze bijzonder moeilijke situatie. Ook onderwijst hij Arjuna universele waarden, karmayoga, devotie, juiste voeding en meditatie.

De Bhagavad Gita biedt ons de kennis om een gezond leven te leiden, zowel fysiek als mentaal, en heeft een visie op de werkelijkheid van de wereld en jezelf. De Gita zegt: wat je in werkelijkheid bent is volmaakt. Je bent het geheel.

Aan het einde van de Bhagavad Gita is Arjuna al zijn twijfels kwijt, is zijn geest weer helder, en weet hij wat juist is om te doen.

Wil je meer lezen over de Bhagavad Gita? Het boek ‘De essentie van de Bhagavad Gita’ van Swami Dayananda geeft een helder en diepgaand begrip van de belangrijkste onderwerpen in de Gita.

Gepost op

Op zoek naar een gelukservaring

theeDe mens als ‘experience hunter’ is altijd op zoek naar manieren om een plezierige ervaring op te doen. Soms zijn onze wensen klein en simpel (een kopje thee) en soms vergt het vervullen ervan iets meer inspanning (een berg beklimmen), maar altijd is het doel: een goed gevoel. Maar gaat zo’n ervaring mij ooit blijvende voldoening geven?

Traditionele Advaita Vedanta is hier helder over: elke ervaring is niets anders dan een tijdelijke toestand van de geest. Ervaringen komen en gaan en kunnen geen blijvend geluk opleveren. Vedanta is niet tegen het hebben van gelukzalige ervaringen, maar wil je laten begrijpen dat je zelf het geluk bent dat je zoekt. Vedanta onderzoekt de werkelijkheid van ervaringen en stelt dat jij dat bent. Jij bent onveranderlijk bewustzijn, de inhoud van alle ervaringen. Je bent de zoeker en het gezochte.

Stel dat je naar mooie muziek luistert en je gelukkig voelt. Of je moet ergens oprecht om lachen. In dat moment van geluk zijn al je ideeën over jezelf, waaronder de overtuiging ‘Ik ben een nietig, beperkt wezen’, onderbroken. Je accepteert de hele wereld, de maatschappij, zelfs je eigen lichaam en voelt je even vol en compleet. Het is een ervaring die natuurlijk voor je is, omdat je volheid bent.

Je ervaart het zelf altijd
Vedanta stelt dat je het geheel bent, onbegrensd, vrij van elke beperking. Om dit te ontdekken heb je geen nieuwe ervaring van jezelf nodig, want: wat je ook ervaart, het is het zelf. Voel je verdriet, pijn, onzekerheid? Het is het zelf. Voel je geluk, volheid, liefde? Het is het zelf. Bewustzijn, de natuur van het zelf, is onveranderlijk aanwezig en ondersteunt elke toestand van de geest zoals water elke golf ondersteunt.

Je bent nooit verwijderd van jezelf, geen moment. Er is dus nooit sprake van een gebrek aan ervaring van het zelf. Het is een gebrek aan kennis. We weten niet dat we het geheel zijn. We denken ons hele leven juist dat we klein en beperkt zijn. Deze verkeerde overtuiging over jezelf gaat alleen weg door kennis, want alleen kennis is tegenovergesteld aan onwetendheid. Geen enkele ervaring, hoe mooi of gelukzalig ook, zal je vertellen wat je bent. De waarde van een ervaring hangt helemaal van jouw interpretatie af, wat weer afhankelijk is van jouw kennis. Maar als de kennis van Vedanta helder is, onthult elke ervaring eenheid, advaita; je ware natuur.

Gepost op

De visie van Vedanta: je bent volmaakt

‘Niemand is perfect’, zei mijn moeder wel eens tegen me als ik me onzeker voelde. Ze zei het om me gerust te stellen, maar het hielp niet. Zonder te weten waar ik precies naar op zoek was, probeerde ik van alles te vergaren, bereiken en veranderen om me beter te voelen over mezelf. Zelfacceptatie en het gevoel ‘niet perfect te zijn’ gaan nu eenmaal niet samen. Advaita Vedanta behandelt dit probleem en geeft de oplossing.

Ik wil ‘iemand’ zijn, omdat ik geconcludeerd heb dat ik besta binnen de begrenzingen van mijn lichaam, geest en zintuigen en dat ik anders ben dan al het andere in de wereld. Dit maakt mij tot een onvolmaakt, onzeker en nietig individu. Ik wil mezelf accepteren, maar ik kan mezelf niet accepteren als een onbelangrijke sterveling. Het resultaat is dat ik ontevreden door het leven ga.

Ik wil anders zijn
Deze ontevredenheid uit zich in specifieke wensen, afhankelijk van je karakter, opvoeding, omgeving, etc., maar het verlangen om anders te zijn is een universeel fenomeen. De ene keer uit het zich in de simpele wens voor een nieuw kapsel of bankstel, de andere keer in de wens voor een groter huis, een beter betaalde baan of een andere partner. Deze zoektocht gaat altijd maar door, zonder resultaat. Ik heb altijd wensen. Het lijkt alsof al mijn inspanningen zinloos zijn, want ik zie geen enkele verandering in mezelf ondanks alles wat ik bereikt heb. Ik wilde iemand worden en in die iemand die ik geworden ben zie ik niet een persoon die het gemaakt heeft in het leven. Ik zie nog steeds een persoon die anders wil worden. En ik zal een punt bereiken waarop ik niets meer kan verbeteren, omdat ik dan te oud ben om nog iets te presteren.

Wanneer je deze ongelukkige situatie bij jezelf herkent en het probleem permanent wilt oplossen, dan wordt de zoektocht een spirituele zoektocht. De vraag is nu of ik wel kan veranderen. Als ik in essentie een onvolmaakt persoon ben, dan kan ik het probleem met geen mogelijkheid oplossen. Maar ik ben wel voortdurend bezig om het probleem op te lossen.

Je bent wat je zoekt
In de visie van Vedanta ben jij zelf de zekerheid die je zoekt in geld, bezittingen, macht en aanzien. Jij bent het geluk dat je zoekt in de verschillende vormen van plezier en genot. Geluk betekent hier de volheid die tegenovergesteld is aan het gevoel van gebrek. Je wilt een compleet mens zijn, een geheel, omdat dat precies is wat je bent. Vedanta zegt dat jij de waarheid bent van alles dat bestaat. Dit is geen mystieke bewering, het wordt methodisch ontvouwd door middel van een zeer verfijnde onderwijsmethode.

Als je deze zelfkennis hebt, dan kun je tegen iemand die onzeker is zeggen: ‘Iedereen is perfect.’ In plaats van ‘Niemand is perfect’. Niet als een geruststellende opmerking, maar als aansporing om op onderzoek uit te gaan en te begrijpen dat wat ik wezenlijk ben volmaakt is.