Geplaatst op Geef een reactie

Emotionele volwassenheid verandert je leven

‘Om echt te beginnen met mijn leven te leven, moet ik eerst een compleet mens zijn. Compleet in de zin van emotioneel volwassen.’ Dit is een citaat uit het boek ‘Emotioneel Volwassen’ van de zeer gerespecteerde Advaita Vedanta-leraar Swami Dayananda. Aan de hand van verzen uit de Bhagavad Gita bespreekt hij in dit boek de psychologie van de mens en de diepzinnige visie van Advaita Vedanta op het leven. Wanneer ben je emotioneel volwassen? Wat is daarvoor nodig? En wat verandert er dan in je leven?

Auteur: Manon van Dijk

Voor lichamelijke volwassenheid hoeft niemand iets speciaals te doen. Fysiek volwassen word je vanzelf, zolang je maar in leven blijft. Maar emotioneel volwassen word je niet vanzelf. Je blijft vanbinnen een kind als je je niet inspant om te groeien. Iemand van veertig, vijftig of zelfs tachtig kan nog steeds met de blik van een onzeker kind naar de wereld kijken. Het innerlijke kind lijkt de persoon in zijn greep te hebben en zijn gedrag te beïnvloeden.

Het innerlijk kind begrijpen
In de kindertijd maakt iedereen onplezierige dingen mee. Een kind kan gebeurtenissen nog niet in een groter perspectief plaatsen en betrekt de dingen snel op zichzelf. Als vader en moeder ruzie maken, zal het kind bijvoorbeeld denken dat het zijn schuld is. Niemand ontkomt aan deze waarneming van het kind en de bijbehorende emoties. Deze pijnlijke herinneringen, opgeslagen in het onbewuste, zorgen voor emotionele reacties in het leven van de volwassene.

Gevoelens van onzekerheid, pijn en schuld afkomstig uit de kindertijd blijven het hele leven de kop opsteken, tenzij je er aandacht aan schenkt. Om emotioneel volwassen te worden is het nodig het hele proces te begrijpen, de orde ervan te zien, en wat er gebeurt is te erkennen en te accepteren als een gegeven. Je emotionele problemen op deze manier benaderen is een vorm van emotionele volwassenheid. Het is een volwassen manier van kijken naar jezelf.

De wereld begrijpen
Hoe je naar de wereld kijkt zegt ook iets over je emotionele volwassenheid. Denken dat je de wereld naar je hand kunt zetten is onvolwassen. Je kunt handelen in de wereld, maar je hebt geen controle over de wereld.

De Bhagavad Gita zegt:

karmaṇyevādhikāraste mā phaleṣu kadācana
mā karmaphalaheturbhūrmā te saṅgo’stvakarmaṇi


‘Je hebt alleen keus in je handelingen, maar beslist niet in de resultaten. Beschouw jezelf niet als de schepper van de resultaten van je handelingen; wees evenmin gehecht aan inactiviteit.’

– Bhagavad Gita 2.47

Waar heb je nou echt controle over? Je hebt keuze in hoe je een handeling uitvoert, maar je hebt geen keuze in het resultaat. Resultaten zijn afhankelijk van vele factoren, bekende en onbekende. Je hebt er geen controle over. Je kunt situaties wel aanvaarden en proberen te begrijpen. En vervolgens kun je andere keuzes maken.

Je hebt het vermogen om iets te doen, om te begrijpen, te organiseren, te herorganiseren, te creëren. Met die capaciteiten doe je je best. En als het resultaat komt, aanvaard de gegeven situatie dan en doe wat nodig is. Dit is emotionele volwassenheid.

God begrijpen
Als je nog een stap dieper gaat en de vraag stelt ‘Waarom heb ik geen controle?’, dan kan dit leiden tot een waardering voor degene die de wereld bestuurt. God of in het Sanskriet Īśvara genoemd – ‘degene die altijd regeert’.

Het universum is een intelligente creatie. Zoom in op een willekeurig aspect en je ziet hoe intelligent het is ontworpen. Neem je eigen lichaam, zintuigen of geest. Waarom zou je deze woorden nu kunnen zien met je ogen en begrijpen met je geest? Elke waarneming, elke gedachte, elk moment vindt plaats volgens bepaalde wetten, die zijn gegeven. Het hele universum, inclusief jouw lichaam en geest, functioneert volgens wetten. Deze wetten zijn niet door jou of mij gemaakt. Ze zijn gegeven. Het erkennen van de Gever is een onderdeel van de groei naar volwassenheid.

God ontdekken, jezelf ontdekken, is niets anders dan volwassenheid. Er bestaat geen ander doel in het leven dan volwassenheid.

– uit: ‘Emotioneel Volwassen

De Veda’s geven ons een uniek begrip van God. Er is niet één God, er zijn niet vele goden, er is enkel God. Dit is de volwassen kijk op God. God is niet een man in de hemel die op ons neerkijkt. Alles is God. God is niet alleen de gever van alles; God is alles.

God is zowel de maker als het materiaal van de wereld, zoals jij ’s nachts de maker en het materiaal bent van jouw droom. In de droom creëer jij een wereld uitsluitend door gedachten. Je denkt aan een berg en daar is de berg. Je denkt aan een rivier, vogels, mensen en zo creëer je een droomwereld. Je hebt voorkennis van wat je in een droom creëert, want je kunt niet dromen van iets wat je totaal niet kent. Jouw geheugen vormt het materiaal. Jij bent dus de maker én het materiaal voor de droomschepping. De droomwereld is niets dan jouw geest, jouw bewustzijn. De hele droomwereld wordt doordrongen door jou.

Met jouw beperkte kennis en kracht creëer jij een droomschepping. Īśvara is alle kennis en alle kracht en creëert daarmee dit prachtige universum, inclusief jouw lichaam en geest. Zoals jouw droomwereld niet losstaat van jou, zo staat de wereld niet los van Īśvara. Īśvara is de gever van alles in het leven.

Stadia in emotionele volwassenheid
In het boek ‘Emotioneel Volwassen’ zet Swami Dayananda heel helder de stadia in emotionele volwassenheid uiteen. Het begint bij het verminderen van je eigen subjectiviteit door emotionele complexen te erkennen en te verwerken. Dan krijg je meer zicht op de werkelijkheid en ook ruimte in je geest om de diepere waarheid van jezelf en de wereld te begrijpen.

Emotionele volwassenheid is dus niet alleen nodig voor het leiden van een gelukkig en succesvol leven, maar ook voor het begrijpen van de visie van Advaita Vedanta: het zelf is compleet, vrij van elk gebrek.

Volwassenheid is niets anders dan de erkenning van dat wat is. Objectief zijn, ontvankelijk zijn voor de werkelijkheid is volwassenheid.

– uit: ‘Emotioneel Volwassen

Geplaatst op Geef een reactie

Een meditatie voor innerlijke vrijheid

‘To the extent that you give freedom to others to be what they are, to that extent you are free.’
– Swami Dayananda

Als we anderen kunnen aanvaarden zoals ze zijn, geeft ons dat een heleboel vrijheid. Vaak willen we dat een ander verandert, omdat we vrij willen zijn van het storende gedrag van de ander. We kunnen denken: als de ander verandert, dan heb ik rust, dan kan ik ontspannen of dan kan ik gelukkig zijn. Maar we kunnen anderen niet veranderen. Als we dat toch proberen, levert dat frustratie op.

In onderstaande meditatie legt Swami Dayananda uit wat het inhoudt om een ander of een gebeurtenis te aanvaarden. Het is niet hetzelfde als goedkeuren. Het aandachtig lezen van onderstaand transcript is op zichzelf een meditatie.

Ochtendmeditatie

“Wanneer ik iets aanvaard, wat doe ik dan? Is het alleen maar een zin, ‘Ik aanvaard’? Louter een zin houdt nog geen aanvaarding in. Soms aanvaard ik iets zonder het te benoemen.

Aanvaarding impliceert een bepaalde houding van mijn kant. Wanneer ik iets aanvaard, geef ik het de vrijheid om te zijn wat het is. Ik wil niet dat het ding anders is dan wat het is.

Aanvaarding houdt in: vrijheid verlenen aan het te aanvaarden object om te zijn wat het is. In het geven van die vrijheid eis ik niet dat het object anders is dan wat het is. Alleen het woord, aanvaarding, zonder de implicaties ervan te begrijpen, helpt niet.

Ik aanvaard een kind zoals het kind is. Ik aanvaard een boom. Ik aanvaard de zon, de maan. Ik aanvaard een vogel, zijn kleur, zijn gedrag. Ik aanvaard een chemisch product zoals het is. Ik aanvaard suiker zoals het is. Ik aanvaard vergif zoals het is. Aanvaarding houdt niet in dat ik het moet gebruiken. In aanvaarding is er objectiviteit. Ik laat dingen zijn zoals ze zijn.

Als het echter gaat om mijn verleden, laat ik het niet zijn zoals het is. Ik aanvaard het niet, omdat het verleden mij pijn heeft gebracht. Als gevolg van mijn hulpeloosheid stelde ik mezelf bloot aan pijn, aan leed. Daarom is het pijnlijke verleden voor mij niet aanvaardbaar. Kan ik mijzelf ertoe brengen om het verleden te aanvaarden? Als ik mezelf ertoe breng het verleden te dragen, ben ik dan in staat om dezelfde persoon te zijn die ik ben wanneer ik de lucht aanvaard?

Hoe aanvaard ik de lucht? Wat voor gemoedstoestand heb ik wanneer ik naar de lucht kijk? Ik wil niet dat de lucht anders is dan hij is. Diezelfde gemoedstoestand pas ik toe op mijn vader en moeder – of ze nu nog in leven zijn of niet. Op dezelfde manier aanvaard ik mijn vrienden, mijn familie, mijn baas, mijn grootouders, mijn kinderen, mijn levenspartner. Ik aanvaard ieder van hen persoonlijk, omdat ik ze de vrijheid geef om te zijn wat ze zijn. Ik verwijt het de lucht niet of zij wel of niet blauw is.

Met deze houding richt ik me op diegenen met wie mijn leven is toebedeeld. Ze zijn allemaal verschillende personages in het drama van mijn leven. Ik bevrijd mezelf van het bekritiseren van ieder van hen. Ik verwijt niemand iets, noch verwijt ik mezelf iets.”

Vertaald uit: Morning Meditation PrayersSwami Dayananda

Geplaatst op 2 Reacties

Wat is de Bhagavad Gita?

De Bhagavad Gita is een duizenden jaren oud geschrift dat onderdeel uitmaakt van het grote, Indiase epos de Mahabharata. De Bhagavad Gita heeft de status van heilig geschrift, omdat haar boodschap voor iedereen, in elke tijdsperiode, op elke plaats in de wereld relevant is. Dit komt omdat de Gita over fundamentele onderwerpen gaat, zoals: wat is de oorzaak van menselijk lijden, wat is de aard van de wereld en God, en wie ben ik?

Auteur: Manon van Dijk

‘Bhagavad Gita’ betekent ‘Lied van de Heer’ en bestaat uit 700 verzen verdeeld over 18 hoofdstukken. De Gita geeft op relatief toegankelijke wijze de essentie van de upanishads weer. De auteur Veda Vyāsa presenteert de kennis van de upanishads in de vorm van een dialoog tussen Arjuna, een prins en machtige krijger, en Krishna, de leraar.

Het verhaal
Het verhaal in de Mahabharata gaat in het kort als volgt. Arjuna wordt door een uitzonderlijke oorlogssituatie teruggeworpen op zichzelf. Arjuna is een van de vijf Pāṇḍavas, de zonen van Pāṇḍu. Deze broers erven het enorme koninkrijk van hun vader en de oudste broer wordt koning.

Pāṇḍu’s oudere broer Dhṛtarāṣṭra heeft honderd zonen. De meesten van hen dragen een naam beginnend met het voorvoegsel dur, wat ‘slecht’ betekent. Zij doen hun naam eer aan. Duryodhana, de oudste onder hen, wil het koninkrijk voor zichzelf hebben. Uiteindelijk eigent hij zich het koninkrijk onrechtmatig toe. De Pāṇḍavas hebben als prinsen niet alleen recht op het koninkrijk, ze hebben ook een plicht om toe te zien dat er rechtvaardig gehandeld wordt. Ze zijn bereid tot een compromis om een oorlog te vermijden, maar door Duryodhana’s hebzucht is dit niet mogelijk. De oorlog wordt verklaard.

Het conflict van Arjuna
Als de Bhagavad Gita begint staat Arjuna midden op het slagveld met zijn strijdwagen en Heer Krishna als zijn wagenmenner, klaar om te vechten voor het behoud van dharma (harmonie) in het koninkrijk. Maar zodra hij zijn familie, leraren en vrienden voor zich ziet staan en beseft dat hij ze zal moeten doden om de oorlog te winnen, raakt hij hevig in conflict met zichzelf.

Aan de ene kant heeft Arjuna als krijger de plicht om te vechten en dharma in zijn rijk te handhaven, aan de andere kant voelt hij een grote liefde voor de mensen die hij voor zich ziet staan. Hij weet niet meer wat juist is om te doen.

Krishna onderwijst innerlijke groei en zelfkennis
Arjuna zakt in elkaar van verdriet. Hij is niet in staat om te vechten en vraagt Krishna om hulp. Krishna zegt: je hebt geen reden voor verdriet, want het zelf is onverwoestbaar.

‘Wapens kunnen het (zelf) niet klieven; vuur kan het niet verbranden; water kan het niet bevochtigen; zelfs de wind kan het niet verdrogen. Het (zelf) kan niet worden gekliefd, verbrand, bevochtigd of verdroogd. Het (zelf) is voorbij tijd, allesdoordringend, onbeweeglijk en onveranderlijk.’ (verzen 2.23 en 2.24)

Krishna leert Arjuna om te gaan met zijn emoties, om emotioneel volwassen te zijn in deze bijzonder moeilijke situatie. Ook onderwijst hij Arjuna universele waarden, karmayoga, devotie, juiste voeding en meditatie.

De Bhagavad Gita biedt ons de kennis om een gezond leven te leiden, zowel fysiek als mentaal, en heeft een visie op de werkelijkheid van de wereld en jezelf. De Gita zegt: wat je in essentie bent is volmaakt. Je bent onbegrensd bewustzijn, vrij van elk gebrek.

Aan het einde van de Bhagavad Gita is Arjuna al zijn twijfels kwijt, is zijn geest weer helder en weet hij wat juist is om te doen.

Meer lezen?

Het boek ‘De essentie van de Bhagavad Gita’ van Swami Dayananda behandelt alle belangrijke onderwerpen aan de hand van een selectie prachtige verzen.

Zoek je een ander Bhagavad Gita boek om te lezen? Bekijk dan eens deze tips op Advaita.nl.

Geplaatst op

Een andere kijk op geluk

We zoeken het allemaal, elke dag weer: geluk. We ondernemen voortdurend activiteiten om gelukkig(er) te worden. Maar wat is geluk eigenlijk? En is het wel iets om te bereiken? Advaita Vedanta biedt hier een unieke kijk op.

Laten we eens onderzoeken wat er gebeurt als je gelukkig bent. Je luistert bijvoorbeeld naar mooie muziek en je geest gaat er helemaal in op. Je wilt niet dat de muziek waar je naar luistert anders is dan het is, of dat je zelf anders bent dan je bent. Jij en de muziek vormen één geheel. Er is geen scheidslijn in je bewustzijn tussen jou en de muziek. Je ervaart volheid, onbegrensdheid, geluk.

Wanneer er een verlangen in je opkomt, dat de muziek iets zachter zou moeten zijn bijvoorbeeld, dan ervaar je jezelf weer als een beperkt, ontevreden individu. Je hebt het idee ‘ik ben de zoeker en dit is het gezochte’ of ‘ik wil dat dit anders is’. Dit creëert een denkbeeldige scheidslijn tussen jou en de muziek.

Het lijkt alsof de muziek je even gelukkig maakte. Vedanta zegt: geluk ben je zelf. Het is niet de muziek die je gelukkig maakt. Het is niet die mooie film of je nieuwe auto. De gewenste situatie zorgt er alleen voor dat je je zorgen, verlangens en overtuigingen over jezelf even vergeet. En dan zie je je eigen volheid.

Zodra de wolken voorbij getrokken zijn, zien we de zon. Zo ook zien we ons ware zelf als de geest alle verlangens, overtuigingen en problemen even loslaat. Als er dan opnieuw wolken langs drijven, dan zien we de zon niet meer. Maar de zon is nog steeds aanwezig en onaangetast door de wolken. Zorgen en verlangens komen en gaan. Maar geluk gaat niet.

De wereld doet niets af aan jouw volheid
De wereld lijkt ons geluk soms in de weg te zitten. Maar je kunt niet zeggen dat de wereld er niet was in een moment van geluk. De wereld was wel degelijk aanwezig. Je luistert naar mooie muziek, je bent gelukkig. De wereld is er, jij bent er, je geest is er, je oren zijn er. Maar wat is er niet? De zoeker, de ontevreden zoekende jij, die op zoek is naar een gelukservaring.

Geluk gaat nergens heen, net zoals de zon er altijd is, is jouw volheid er ook altijd. De wolken lijken de zon te verbergen, want opnieuw komt er een behoefte op. Waarom eigenlijk, als ik zelf het geluk ben dat ik zoek? Omdat je de waarheid niet kent. Je gaat af op ervaringen. Je weet niet dat je altijd vol en compleet bent. Dat de ervaring van geluk jezelf is.

Je ervaart jezelf altijd
Als je zelf geluk, volheid bent, dan heb je geen nieuwe of andere ervaring nodig. Je kunt jezelf namelijk niet niet ervaren. Wat we nodig hebben is kennis van de ervaring. Dit is wat het onderwijs van Advaita Vedanta biedt. Je zult moeten weten, herkennen: dit ben ik. Deze volheid ben ik. Het is een volheid die de hele wereld  kan onderbrengen, zonder aangetast te worden. Volheid blijft altijd bestaan. Ook als er wolken voorbij drijven of als wolken zich opstapelen. Vedanta is een onderwijstraditie waarin deze kennis systematisch wordt ontvouwd.

In de Bhagavad Gita vraagt Arjuna op een gegeven moment om een beschrijving van iemand met deze kennis. Krishna antwoordt:

prajahāti yadā kāmān sarvān pārtha manogatān
ātmanyevātmanā tuṣṭaḥ sthitaprajñastadocyate


‘Iemand die gelukkig is met zichzelf, door zichzelf, geeft alle verlangens die in de geest opkomen op, oh Arjuna, zo iemand wordt een persoon met standvastige kennis genoemd.’
Bhagavad Gita (II:55)

Alle verlangens om iets te gaan doen om gelukkig te worden vallen van je af, als je begrijpt dat je geluk bent. Normaal gesproken proberen we onszelf te vergeten door bijvoorbeeld televisie te kijken, maar degene die weet dat geluk haar/zijn ware natuur is, verblijft graag met zichzelf. Want de visie is: aan mij ontbreekt niets.

Geplaatst op Geef een reactie

Je kent jezelf als ‘ik ben’

Fragment uit het boek ‘Inleiding tot Vedanta’

“Als we zeggen dat de mens onwetend is van zichzelf, wil dat niet zeggen dat hij helemaal zonder kennis over zichzelf is. Als je totaal onwetend van jezelf zou zijn, dan zou je geen vergissing over jezelf kunnen maken. Als je niet zou beschikken over een ontwikkelde geest die ‘ik ben’ kan beseffen, dan zou je jezelf ook niet kunnen beschouwen als een onvolmaakt wezen. Als je niet bekend bent met ‘ik ben’, dan kun je niet tot de conclusie ‘ik ben onvolmaakt’ komen. Als je je van een voorwerp niet bewust bent, maak je hierover ook geen vergissing. Als je echter van iets bewust bent, maar het niet herkent voor wat het is, dan kun je wel een vergissing maken.

‘Ik ben’ is je heel bekend. Je weet dat je nu hier bent. Je weet dat ‘ik ben’ bestaat. De vraag is: herken je precies dat ‘ik ben’ voor wat het werkelijk is? Als je het volmaakte wezen bent dat je zo graag wilt zijn, maar er niet in slaagt om dat feit te herkennen, dan zul je tot de conclusie komen dat je onvolmaakt bent. En dan zul je gaan proberen om volmaakt te worden. Natuurlijk is dat vergeefse moeite. Volmaaktheid kan niet verkregen worden door verandering of door actie. Volmaaktheid kan alleen verkregen worden door herkenning van het bestaande feit, dat voor jou ten gevolge van onwetendheid verborgen bleef.

Als iets een voor de hand liggend bestaand feit is, dat door onwetendheid niet wordt herkend, dan kunnen woorden directe kennis geven over dat feit. […]
Als volmaaktheid in feite jouw eigen aard is en wanneer een leraar de geschikte context voor de woorden creëert om hun betekenis over te brengen, dan zal de mededeling ‘dat zijt gij’ (tat tvam asi), jij bent zelf dat volmaakte wezen dat je probeert te worden, directe kennis geven over jezelf als een volmaakt wezen.”

Lees verder in het boek ‘Inleiding tot Vedanta’.

Geplaatst op Geef een reactie

Opgewekt door het leven

De Bhagavad Gita biedt naast kennis over de aard van het zelf, de wereld en God, ook waardevolle inzichten voor wie innerlijk wil groeien. Innerlijke groei is nodig om emotioneel volwassen te worden en een gelukkig leven te leiden. En ook om te begrijpen dat het zelf vrij is van elk gebrek, zoals Advaita Vedanta ontvouwt.

In hoofdstuk zeventien beschrijft Krishna disciplines voor je geest. Hij zegt:

manah-prasādah saumyatvam maunam ātma-vinigrahah |
bhāva-samśuddhirityetat tapo mānasam ucyate || 17.16||

‘Geestelijke opgewektheid, zichtbare opgewektheid, afwezigheid van praatzucht, beheersing van de geest en zuivere intentie, worden (samen) mentale discipline (tapas) genoemd.’

In deze blog wil ik het hebben over de eerste discipline: het verkrijgen en behouden van een opgewekte, blije geest. In de basis betekent dit een acceptatie van jezelf en van de situatie waarin je je bevindt. Het accepteren van je verleden is daarbij inbegrepen. Laten we kijken naar een aantal praktische principes die leiden tot acceptatie en blijheid. Voor deze tekst heb ik gebruikgemaakt van de prachtige ‘Bhagavad Gita Home Study Course’ van Swami Dayananda.

1. Leef van dag tot dag
Dit is een eenvoudig principe dat zorgt voor een opgewekte geest. Als je van dag tot dag leeft, leef je in overeenstemming met de werkelijkheid. Vandaag is werkelijk; morgen ben ik er misschien niet eens. Niet dat ik me daar zorgen over maak. Vandaag leef ik en wat er vandaag te doen is, dat doe ik gewoon. De toekomst kan voor zichzelf zorgen. Het leven wordt dan heel eenvoudig: je hoeft steeds maar één dag aan te kunnen. Je hele leven, steeds maar één dag. De zorgen van gisteren zijn weg. Wat gisteren gebeurde was gisteren. Het is niet vandaag. Als je gisteren een vergissing hebt gemaakt, prima. Je bent nu wijzer. Als je je er vandaag zorgen over maakt, dan verspil je vandaag met je zorgen maken over gisteren.

2. Leef in harmonie met je omgeving
Van dag tot dag leven betekent de dingen doen die er vandaag te doen zijn. Het gaat dan om handelingen die redelijkerwijs van je verwacht worden, gezien de rollen die je speelt in het leven; zoals vader/moeder, werkgever/werknemer, zoon/dochter, buurman/buurvrouw, etc. Als je doet wat nodig is in een gegeven situatie, ondanks dat het misschien niet je voorkeur heeft, dan ben je in harmonie met je omgeving en blijft je geest opgewekt, tevreden en vrij van conflict. Een zekere overgave naar wat er te doen is, waarbij je je voorkeur en afkeer opgeeft, zorgt voor een opgewekte geest.

3. Laat het leven vol verrassingen zitten
Er is ook een wet die zegt ‘wat staat te gebeuren, zal gebeuren’. Dit is een belangrijke schokdemper. Ik doe wat ik kan, maar ik heb niet alles voor het zeggen. Deze overgave aan de resultaten van handeling zorgt ervoor dat je opgewekt en tevreden kunt blijven, ook als het even tegenzit.

Sta even stil bij hoe je leven er nu uitziet. Had je ooit gedacht dat het er zo uit zou komen te zien? Gebeurtenissen ontvouwen zich. Je bevindt je ineens in een situatie die je van tevoren niet had kunnen bedenken. Je ontmoet een oude bekende en het klikt zo goed dat jullie besluiten samen een bedrijf op te richten. Alles gebeurt vanwege een onderliggend plan. Laat het plan zich ontvouwen. Jij leeft van dag tot dag. Je laat jezelf niet meeslepen als drijfhout; jij staat wel degelijk aan het roer, maar tegelijkertijd herken je dat er zich iets ontvouwt in je leven wat zijn eigen bedoeling heeft. Die bedoeling kun je ontdekken op het moment dat het plan zich ontvouwt.

Als je zou weten dat alles volgens jouw plan zal plaatsvinden, dan hoef je niet eens te leven. Stel je voor dat je alles zou weten wat er staat te gebeuren. Voor de rest van je leven weet je al wat je gaat eten als ontbijt, lunch en diner. Je volledige toekomst is tot in de details uitgestippeld en aan je bekendgemaakt. Dan is er niets meer aan! Er zijn dan geen verrassingen, geen onverwachte wendingen in je leven. Als je verrassingen wilt, maak dan plannen voor de toekomst, doe wat je te doen hebt en laat de uitkomst over aan de wetten die het ontvouwen van gebeurtenissen regelen. Een opgewekt mens is klaar voor verrassingen.

4. Gebruik de mantra ‘het is fijn om mezelf te zijn’
Wanneer bezorgdheid, zelfveroordeling of angst oprijst, kunnen we dit verwerken door de juiste houding naar onszelf aan te nemen. Dat zulke emoties oprijzen, daar kunnen we niets aandoen; dat gebeurt. Maar we hebben wel een keuze in hoe we ermee omgaan. Herinner jezelf er aan dat het fijn is om jezelf te zijn. Zeg tegen jezelf ‘Het is fijn om mezelf te zijn.’ Acceptatie van jezelf geeft ontspanning en tevredenheid. Als er gebieden zijn waarin het goed zou zijn om te veranderen, span je daar dan voor in. Maar je hoeft je niet te bewijzen aan anderen. Als iemand anders lelijk over me denkt, dan is dat zijn of haar probleem. Ik accepteer mezelf zoals ik ben. ‘Het is fijn om te zijn zoals ik ben.’ Gebruik een zin als deze als een soort mantra om dagelijks te herhalen.

De Bhagavad Gita leert ons geleidelijk inzien dat we volledig acceptabel zijn.

Ik hoef niets te bewijzen, aan niemand niet, zelfs niet aan God. Als ik mezelf zou moeten bewijzen aan God, dan zou zijn acceptatie voorwaardelijk zijn. Dan wordt God een persoon zoals ieder ander. 

5. Vier je leven, elke dag!
Vier niet alleen je verjaardag, maar vier je leven elke dag. Wanneer je ’s ochtends opstaat, erken dan dat het fijn is om te leven. Neem je leven niet voor lief. Je hebt weer een dag erbij om te vieren! Als je onder de douche staat, kun je al beginnen met het plannen van hoe je vandaag wilt vieren. Je hoeft niet elke dag een taart te bakken, maar vier je leven met de dingen die je doet.  Alles wat je doet is een viering van jouw leven. ‘Ik leef vandaag. Het is fijn om te leven. Het is leuk om te doen wat ik doe.’ Dit is opgewektheid van geest.

Het resultaat: een heldere geest en een glimlach op je gezicht
Als je geest deze houding heeft, dan is er helderheid, opgewektheid. De mentale discipline (tapas) is dus om elke keer dat je ontevreden of bezorgd bent, tevredenheid en opgewektheid op te roepen. Die opgewektheid van geest brengt een glimlach op je gezicht. De mentale opgewektheid uit zich in een zichtbare opgewektheid, wat Krishna als tweede aspect van mentale discipline noemt. Deze opgewektheid is niet een gedragsverandering, maar een verandering die ontstaat door een bewust denkproces zoals hierboven beschreven.

Manon van Dijk
Uitgever

Geplaatst op Geef een reactie

Karmayoga: handelen in harmonie met je omgeving

Wat is karmayoga? Karmayoga is je handelingen omzetten in een middel voor innerlijke groei.  Eén aspect van karmayoga is het zorgvuldig omgaan met je keuzevrijheid. Je laat je niet leiden door je voorkeuren en afkeren, maar kiest voor gepaste handelingen die in harmonie zijn met je omgeving.

We spelen in het leven een heleboel rollen: die van dochter/zoon, partner, ouder, vriend/vriendin, werknemer/werkgever, buurvrouw/buurman, etc. In al deze rollen wordt er wat anders van jou verwacht. In relatie tot je kind gedraag je je anders dan in relatie tot je werkgever. Elke rol heeft zijn eigen script. Als ik doe wat nodig is in een gegeven situatie, of ik het nu wel of niet leuk vind om te doen, dan ben ik in harmonie met mijn omgeving.

In harmonie leven
Wat betekent het om in harmonie te leven? Ik wil leven, gelukkig leven. Andere wezens willen dat ook. Dit gegeven is de basis voor dharma, een universeel normenstelsel dat we allemaal ervaren. Ik weet dat anderen ook geen pijn willen lijden. Geen mens wil graag gekwetst, bedrogen of bestolen worden. We willen allemaal dat anderen sympathiek en behulpzaam zijn en rekening met ons houden.

Deze universele normen zijn de leidraad om te bepalen of ik iets wel of niet zou moeten doen. Dharma volgen wil kortweg zeggen dat ik mijn omgeving behandel zoals ik zelf graag behandeld zou willen worden. Als ik tegen de natuurlijke orde inga, zal ik mijn omgeving of mezelf tekortdoen. Enkele simpele voorbeelden van doen wat nodig is: mijn werk goed uitvoeren, een luisterend oor bieden aan de buurvrouw, met de hond wandelen en gezond eten.

What’s in it for me?
Het is heel verleidelijk om te doen wat ik leuk vind en niet te doen wat ik niet leuk vind. Maar als ik een ander of mezelf daarmee benadeel is het resultaat dat ik met een conflict in mijn geest blijf zitten. Ik wist namelijk wat juist was om te doen, maar ik deed het niet. Op termijn creëert dit gedrag een innerlijke gespletenheid en daalt mijn eigenwaarde. Ontspannen genieten van eenvoudige dingen in het leven is er dan niet meer bij.

Natuurlijk is er sprake van enige opoffering als ik mijn voorkeur opzij schuif en dharma volg, maar het is de inspanning meer dan waard. Waarom? Als ik dharma volg ben ik bij mezelf. En wat is er meer wenselijk? Mijn handelingen zijn niet mechanisch, maar doelbewust en ik leer van vergissingen. Ik voel me tevreden en succesvol omdat ik dharma vooropstel en mijn voorkeuren en afkeren opzij kan schuiven wanneer dat nodig is.

Hoe meer het me lukt om dharma te volgen, hoe meer ik kan ontspannen. Ik voel me steeds vaker op mijn gemak met mezelf. De vele voorkeuren en afkeren die ik zo lang gekoesterd heb, verliezen hun macht over mij en mijn geest wordt kalm en contemplatief. Universele waarden, zoals niet-kwetsen en behulpzaamheid, worden natuurlijk voor me. Op alle niveaus blijk ik verbonden te zijn met de wereld. Dit is de perfecte voorbereiding voor het begrijpen van de visie van Advaita Vedanta: ik ben het geheel.

Een uitgebreide uitleg van karmayoga vind je in het boek ‘Emotioneel Volwassen’ van Swami Dayananda.

Geplaatst op Geef een reactie

Het schoonhouden van je geest

De Bhagavad Gita spreekt over verschillende waarden voor persoonlijke ontwikkeling. Een van deze waarden is śaucam, reinheid. Het is vanzelfsprekend dat we ons lichaam schoonhouden, maar onze geest heeft ook een dagelijkse schoonmaakbeurt nodig om deze helder, liefdevol en opgewekt te houden.

Wat is aśaucam, onreinheid, van de geest? Swami Dayananda zegt in zijn boek ‘De Waarde van Waarden’: “Jaloezie, woede, haat, angst, zelfzuchtigheid, zelfveroordeling, schuld, bezitterigheid, trots, al deze reacties en het klimaat van wanhoop en wrok dat tegelijkertijd ontstaat.”

Net zoals je kleren elke dag een beetje stof verzamelen en je bureau rommel verzamelt, zo verzamelt je geest tijdens ontmoetingen met mensen en situaties dagelijks aśaucam. “Gekoppeld aan gevoelens van voorkeur en afkeer hechten er zich vlekken van afgunst vast, landen er sporen van ergernissen, verschijnen er strepen van bezitterigheid, en bovenal verspreidt er zich het fijne stof van zelfkritiek, schuld en zelfveroordeling.”

Tegenovergestelde gedachten denken
Wanneer er geen dagelijkse reiniging is, uitwendig of inwendig, wordt de taak zwaarder door de ophoping van vuil. Om je geest schoon te houden, is het nodig alert te zijn op wat er zich in je geest afspeelt. Als je merkt dat er gedachten van afgunst, veroordeling of ergernis in je geest zijn ontstaan, dan kun je doelbewust het tegenovergestelde denken. Stel dat je je aan iemand stoort, ga dan na wat zijn of haar goede eigenschappen zijn en herhaal deze een paar keer voor jezelf.  Zo voorkom je dat de gevoelens van afkeer zich vastzetten in je geest als haat.

Swami Dayananda: “Wanneer ik in een ander doordring, zal ik liefde vinden. Ik ben in staat om lief te hebben. Gemanifesteerd of niet, iedereen bezit de kwaliteiten die een mens tot een heilige maken: medeleven, barmhartigheid, liefde, argeloosheid. Zoek doelbewust naar die dingen in een ander mens, die wijzen op zijn of haar menselijkheid en heiligheid. Die zijn in ieder mens te vinden.

Als je je aandacht richt op de sporen van heiligheid in een ander mens, worden alle andere dingen die je in hem of haar waargenomen hebt eenvoudigweg toegeschreven aan fouten, vergissingen, gewoontes, verkeerd denken, verkeerde omgeving, verkeerde opvoeding. Kijk achter de daden om de mens met zijn heilige eigenschappen te zien, want dat zijn de aangeboren menselijke eigenschappen. Heilige eigenschappen zijn de eigenschappen van het zelf, de eigenschappen die waarlijk de menselijke natuur vormen. Negatieve eigenschappen zijn incidenteel: ze komen en gaan.”

De Waarde van Waarden

Afkeuring of veroordeling van jezelf kan net zo min gerechtvaardigd worden als het afkeuren van anderen. Heb daarom begrip voor je beperkingen, de omstandigheden waarin je bent opgegroeid en je huidige omstandigheden. Zie dat je in staat bent om lief te hebben en eigenschappen bezit zoals vriendelijkheid, medeleven en behulpzaamheid. Weiger om jezelf te veroordelen, en denk op hetzelfde moment doelbewust niet-zelfafkeurende gedachten.  Zo hou je je geest schoon en opgewekt.

Neem een kijkje in het boek De Waarde van Waarden.

Geplaatst op

De zoeker is het gezochte

Zonder te weten waar we precies naar op zoek zijn, proberen we van alles te veranderen in ons leven om ons beter te voelen over onszelf. Advaita Vedanta ontvouwt: de zoeker is het gezochte. Ik ben zelf de zekerheid en het geluk dat ik zoek.

Auteur: Manon van Dijk

Ik wil ‘iemand’ zijn, omdat ik geconcludeerd heb dat ik besta binnen de begrenzingen van mijn lichaam, geest en zintuigen en dat ik anders ben dan al het andere in de wereld. Dit maakt mij tot een onvolmaakt, onzeker en nietig individu. Ik wil mezelf accepteren, maar ik kan mezelf niet accepteren als een onbelangrijke sterveling. Het resultaat is dat ik ontevreden door het leven ga.

Ik wil anders zijn
Deze ontevredenheid uit zich in specifieke wensen, afhankelijk van je karakter, opvoeding, omgeving, etc., maar het verlangen om anders te zijn is een universeel fenomeen. De ene keer uit het zich in de simpele wens voor een nieuw kapsel of bankstel, de andere keer in de wens voor een groter huis, een beter betaalde baan of een andere partner. Deze zoektocht gaat altijd maar door, zonder resultaat. Ik heb altijd wensen. Het lijkt alsof al mijn inspanningen zinloos zijn, want ik zie geen enkele verandering in mezelf ondanks alles wat ik bereikt heb. Ik wilde iemand worden en in die iemand die ik geworden ben zie ik niet een persoon die het gemaakt heeft in het leven. Ik zie nog steeds een persoon die anders wil worden. En ik zal een punt bereiken waarop ik niets meer kan verbeteren, omdat ik dan te oud ben om nog iets te presteren.

Wanneer je deze ongelukkige situatie bij jezelf herkent en het probleem permanent wilt oplossen, dan wordt de zoektocht een spirituele zoektocht. De vraag is nu of ik wel kan veranderen. Als ik in essentie een onvolmaakt persoon ben, dan kan ik het probleem met geen mogelijkheid oplossen. Maar ik ben wel voortdurend bezig om het probleem op te lossen.

Je bent wat je zoekt
In de visie van Advaita Vedanta ben jij zelf de zekerheid die je zoekt in geld, bezittingen, macht en aanzien. Jij bent het geluk dat je zoekt in de verschillende vormen van plezier en genot. Geluk betekent hier de volheid die tegenovergesteld is aan het gevoel van gebrek. Je wilt een compleet mens zijn, vrij van gebrek, omdat dat precies is wat je bent. Vedanta zegt dat jij de waarheid bent van alles dat bestaat. Dit is geen mystieke bewering, het wordt methodisch ontvouwd door middel van een zeer verfijnde onderwijsmethode.

Meer weten over de visie en het onderwijs van Advaita Vedanta? Bekijk het boek Inleiding tot Vedanta van Swami Dayananda.