Geplaatst op Geef een reactie

Zelfacceptatie door Advaita Vedanta

Wat is het doel van Advaita Vedanta? Wat willen de Upanishads en de Bhagavad Gita en al die andere prachtige Vedische geschriften ons vertellen? Meestal zeggen we: het doel is mokṣa, bevrijding. Bevrijding van het gevoel van gebrek, bevrijding van ontevredenheid, onzekerheid en sterfelijkheid. Een andere manier om hiernaar te kijken is: Vedanta helpt ons onszelf volledig te accepteren. En in dit proces ontdekken we onze vrijheid.

Uit De essentie van de Bhagavad Gita van Swami Dayananda:

‘Dit is het fundamentele, menselijke probleem. Ik verlang naar het gevoel thuis te zijn en in vrede te zijn met mezelf. Nergens vind ik die vrede, omdat ik me bewust ben van mezelf als een gebrekkig wezen en ik kan me niet thuis voelen bij gebrek. Omdat ik niet weet hoe ik het probleem moet oplossen, ontloop ik het. Soms luister ik naar muziek om aan mijn verdriet te ontsnappen. Ik kijk een film om de realiteit van mijn geest te ontvluchten, in de hoop dat het me opvrolijkt. Niemand heeft ooit een probleem opgelost door het te ontwijken.’

Zoals ik mezelf nu ken, als een sterfelijk lichaam en een wispelturige geest, kan ik mezelf niet accepteren. Ik wil voortdurend anders zijn: zekerder, gelukkiger, mooier, sterker, gezonder. Advaita Vedanta laat ons zien dat dit beeld van onszelf als een sterfelijk wezen niet klopt. En dat we onszelf onterecht veroordelen.

Labelen en veroordelen

Als we anderen beoordelen op slechts één aspect van wie ze zijn, vinden we dat veroordelend en respectloos. Het schaadt de persoon. Denk aan veroordeling op basis van huidskleur, status of opleiding. Stel dat iemand zich ongepast gedraagt in een situatie en we noemen die persoon meteen ‘een idioot’. Of een blonde vrouw zegt iets wat niet klopt en wordt uitgemaakt voor ‘dom blondje’. Labels zijn respectloos en subjectief. Dat is denk ik niet moeilijk in te zien. Maar ditzelfde principe geldt ook op een veel grotere schaal.

Een ander veroordelen op zijn gedrag of uiterlijk vinden we niet oké. Dan zeggen we: ‘Kijk naar de hele persoon.’ Door Vedanta ontdekken we dat ‘de hele persoon’ een stuk meer is dan het lichaam, de zintuigen, de persoonlijkheid, het geheugen, intelligentie, etc. Ieder individu is zoveel meer. We missen de absolute werkelijkheid van elk wezen.

Drie graden van werkelijkheid

In het onderwijs van Advaita Vedanta maken we gebruik van een model dat drie graden van werkelijkheid onderscheidt:

1. Vyāvahārika-satyam: de objectieve of empirische werkelijkheid.

Dit is hoe iedereen zichzelf kent: als een persoon met een lichaam, geest en zintuigen en een wereld die wordt waargenomen. Dit is de objectieve werkelijkheid. Voorbeelden hiervan zijn: ‘Mijn lichaam heeft een bepaalde leeftijd, lengte en gewicht’, etc.

2. Prātibhāsika-satyam: de subjectieve werkelijkheid.

Onze dromen en projecties creëren een subjectieve werkelijkheid. Eén die wij alleen zien. Vaak zien we onszelf (en de wereld) niet zoals het is, maar kijken we door een bril van voorkeuren, aversies en complexen. ‘Ik ben lelijk, te dik, te dun, ik ben saai, raar, beschadigd, waardeloos’, etc. Op dit niveau kunnen we groeien door het herkennen en begrijpen van onze subjectiviteit. Dan komen we terug bij de objectieve werkelijkheid, bij de feiten van het leven. De groei ligt in het verminderen van onze subjectiviteit, zodat zelfacceptatie dichterbij komt. Zie ook het artikel over emotionele volwassenheid.

3. Pāramārthika-satyam: de absolute werkelijkheid.

Dit is onze essentie, die vrij is, onbegrensd en onaangetast. Vedanta toont ons deze werkelijkheid in een spiegel van woorden, waardoor duidelijk wordt: ‘Ik ben alles wat ik wens te zijn. Aan mij kan niets verbeterd worden. Ik ben onbegrensd bewustzijn dat het bestaan is van alles.’ In de heldere kennis van onszelf als onbegrensd en de bron van geluk, vinden we volledige zelfacceptatie.

Relatief en absoluut werkelijk

De subjectieve en objectieve werkelijkheid zijn relatief werkelijk (mithyā). Ze zijn voor hun bestaan afhankelijk van de absolute werkelijkheid, dat het bestaan van alles is. Een boom is, een hond is, hij is, zij is, ik is, de lucht, de aarde is: de ‘is’ in alles is het bestaan dat onveranderlijk en onbegrensd is. Deze absolute werkelijkheid is de basis van de andere twee graden van werkelijkheid en is er tegelijkertijd vrij van. Dit onveranderlijke, onbegrensde bestaan is de werkelijkheid van het individu. Dit maakt mij het meest significante en meest waardevolle in het leven.

Kennis van het geheel

Vedanta zegt: als je jezelf ziet vanuit enkel de subjectieve werkelijkheid of de objectieve werkelijkheid, dan doe je jezelf een groot onrecht aan. Leer jezelf kennen op alle niveaus en kijk dan nog eens of je acceptabel bent.

De Upanishads doen geen belofte dat je ooit acceptabel zult worden. De visie is: je bent al volledig acceptabel. Je hoeft niets te worden, want je bent alles wat je wenst te zijn. Een vurig verlangen om het onbegrensde zelf te ontdekken en een leraar die dit onderwijs helder kan ontvouwen, dat is wat je nodig hebt.

‘Om brahman (de onbegrensde werkelijkheid) te kennen, zou hij met twijgen in de hand enkel een leraar moeten benaderen die goed onderlegd is in de geschriften en die standvastig is in de kennis van brahman.’
– Muṇḍaka-upaniṣad 1.2.12

De visie van een wijze

Een wijs mens ziet zichzelf als volledig acceptabel; er is geen deel dat de wijze van zichzelf afwijst. Ondanks de beperkingen van het lichaam, de zintuigen en de geest, is de wijze compleet voldaan in zichzelf.

‘Iemand die tevreden is met zichzelf, in zichzelf, en die alle (bindende) verlangens die in de geest opkomen opgeeft, zo iemand wordt een persoon met standvastige kennis genoemd.’
– Bhagavad Gita 2.55

Degene die zichzelf kent op alle drie de niveaus heeft niets nodig om zekerder of gelukkiger te worden. Bindende verlangens – zo moet het gebeuren of dat mag absoluut niet gebeuren – geeft de wijze als vanzelf op. Zijn of haar hart is zo ruim dat het alle mensen en omstandigheden kan bergen, omdat er begrip is van de complexiteit van het leven en de intelligente orde die alles doordringt (Īśvara). En tegelijkertijd is er heldere kennis van de absolute vrijheid en onvergankelijkheid van het eigen zelf. De wijze ziet de complete persoon.

Wees een vriend voor jezelf

We kunnen onszelf alleen accepteren als we onszelf ontdekken als een vrij, compleet wezen. Dit is het doel van Vedanta. Dit proces begint met jezelf niet langer veroordelen. Maak geen oordeel over jezelf op basis van je lichaam, zintuigen of geest. Wees je eigen vriend; iemand die jou als geheel ziet en bewondert.  

‘Verhef jezelf met behulp van jezelf; verlaag jezelf niet. Want alleen het zelf is je vriend, en alleen het zelf is je vijand.’
– Bhagavad Gita 6.5

Het proces naar heldere zelfkennis kenmerkt zich door begrip, compassie en groothartigheid. Wees de vriend voor jezelf die je nodig hebt om jezelf te verheffen, want je hebt het recht om je eigen vrijheid toe te eigenen en volledige zelfacceptatie te vinden.

Geplaatst op 2 Reacties

Vedanta: ontspannen jezelf leren kennen

Je verlangt naar blijvend geluk, rust, stilte, liefde. Wat kun je dan doen? Alles achter je laten en naar een grot in de Himālaya’s vertrekken om daar te mediteren? Eindeloos coaching en training volgen om je persoonlijkheid te perfectioneren? Advaita Vedanta zegt: ontspan, stel je open voor het onderwijs van de Upanishads en je zult zien dat je al bent wat je wilt zijn.

Advaita Vedanta biedt ons een proces van transformerend inzicht en ontspanning. Er komt geen strijd bij kijken. Geen stress, geen hardheid naar jezelf of anderen. Geen druk om jezelf te verbeteren of te ontwikkelen. Vedanta maakt juist een eind aan het voortdurend ‘worden’, ook wel samsāra genoemd.

Samsāra kenmerkt zich door een onophoudelijk streven om zekerder en gelukkiger te worden. Dit uit zich bij iedereen steeds weer anders in kleine en grote wensen. Van de wens voor een andere haarkleur tot de wens voor een wereldreis. Dit is de voortdurende zoektocht van de mens; een leven van ‘worden’.

Je bent al wat je wilt zijn

Vedanta heeft een unieke visie op jou, namelijk: je bent al precies wat je wilt zijn. Lees ook: De zoeker is het gezochte. Je wilt vrij zijn van alle beperkingen die je denkt te hebben, zoals verdriet, onzekerheid, pijn, ziekte en onwetendheid, en dat ben je al. Daarom is het hele proces in Vedanta gericht op het wegnemen van de vergissingen over jezelf en het helder krijgen van je eigen onbegrensdheid en vrijheid. Hiervoor hoef je niets te veranderen aan jezelf of je leven.

‘Als we denken dat we daadwerkelijk iets moeten bereiken, verkrijgen of ervaren, dan is onze zoektocht eindeloos. Want iets bereiken kan alleen gaan over iets dat begrensd is. Bij elk bereiken, verkrijgen of ervaren is er een ik aanwezig die iets bereikt, verkrijgt of ervaart. In zo’n situatie blijft er zowel een subject als object aanwezig. En zij begrenzen elkaar. Iets bereiken, verkrijgen of ervaren is altijd begrensd in tijd, plaats en eigenschappen. Terwijl de Upanishad ons het onbegrensde wil laten ontdekken. Dat wat onbegrensd is in tijd, plaats en eigenschappen. Dat betekent: het moet er altijd zijn, het moet overal zijn en het moet alles zijn.’ – uit Sleutel tot de Upanishads

Als het waar is wat de Upanishads en andere Vedanta-geschriften onthullen, als onze essentie onbegrensd is, dan zijn we dus al vrij van alle beperkingen. En hoeven we niets te doen, te veranderen of te ervaren. Het enige wat nodig is, is het wegnemen van de onwetendheid en vergissingen over onszelf.

Je bent een bewust wezen

Het is heel gebruikelijk om jezelf te zien als het lichaam, de geest en zintuigen en de beperkingen hiervan als je eigen beperkingen te zien. Als het lichaam ziek is, ben ik ziek. Als de geest verdriet toont, ben ik verdrietig. Als de oren achteruitgaan, ben ik slechthorend. Maar wat gebruikelijk is, hoeft nog niet waar te zijn.

Vedanta zegt: jij bent je bewust van dit alles. Jij bent een bewust wezen dat zich bewust is van het lichaam-geest-zintuigencomplex en de wereld. Jij bent dit bewuste wezen en niet de dingen waarvan je je bewust bent. De kenner verschilt van het gekende. Deze en andere onderzoeksmethodes schijnen licht op jou, het bewuste wezen, zodat je gaat zien dat je bewustzijn bent; onbegrensd en vrij.

Ontspannen door inzicht

Hoe meer we hiervan begrijpen, hoe meer we ontspannen. Want wat is ontspannen zijn? Is dat niet simpelweg jezelf zijn?

In een moment van ontspanning ben je even niet geïdentificeerd met de rollen die je dagelijks speelt, zoals ouder, kind, werkgever, werknemer, vriend, etc. Al deze rollen hebben zo hun problemen, maar in een moment van ontspanning zie je jezelf los van de rollen, als de basis-ik; een eenvoudig bewust wezen.

Hoe meer je vertrouwd raakt met jezelf als een eenvoudig bewust wezen, hoe meer je ontspant in het dagelijks leven en hoe makkelijker het wordt de inzichten van Vedanta te begrijpen, die gaan over de aard en essentie van dit bewuste wezen. Het werkt dus twee kanten op: de inzichten van Vedanta leiden tot ontspanning, omdat je jouw vrijheid gaat zien; en tegelijkertijd helpt ontspannen zijn bij het assimileren van deze kennis.

Ontspannen door meditatie

Zo bezien is er wel iets wat je kunt doen, naast het regelmatig luisteren naar het onderwijs van Vedanta, namelijk: ontspannen. Niet door jezelf te verdoven of te vluchten in tal van activiteiten, maar door de tijd te nemen om terug te keren naar jezelf als een eenvoudig bewust wezen. Bijvoorbeeld door een stille wandeling in de natuur te maken, naar mooie muziek te luisteren, yoga te beoefenen of te mediteren.

In de Bhagavad Gita geeft Heer Krishna in vers 5.27 een aantal voorbereidende stappen voor meditatie, waaronder ‘sparśān kṛtvā bahir bāhyān’ – het extern houden van de externe wereld. Deze stap vormt ook een ontspanningsmeditatie op zich. Nu vraag je je misschien af waarom, want de buitenwereld is al buiten. Dat klopt, en toch ook niet. De mensen waar we een nauwe relatie mee hebben, zijn vaak ook in onze geest aanwezig als een bron van frustratie of zorgen. Als we willen dat mensen anders zijn, dan creëert dat spanning; er is weerstand tegen de feiten. Met een drukke binnenwereld vol mensen die voor onrust zorgen, kun je niet op je gemak zijn.

Om te ontspannen kunnen we bewust de buitenwereld buiten houden door iedereen de vrijheid te geven om te zijn wie hij of zij is. Zo laten we de weerstand los.

De kern van deze meditatie is:

Hoe meer ik anderen de vrijheid geef om te zijn zoals ze (in mijn ogen) zijn, hoe vrijer ik ben.

Meditatie: de buitenwereld buiten houden

Neem plaats op een rustige plek en sluit je ogen. Denk aan een natuurlijke omgeving; een gebergte, een groene vallei, een rivier, paarden, een blauwe lucht. Hoe sta je in relatie tot deze natuur? Je wilt niet dat de bergen hoger zijn, het gras groener of de lucht blauwer. Je wilt niet dat het anders is dan het is. Je neemt de bergen zoals ze zijn, de lucht zoals hij is. Je bent een simpel bewust wezen, een ontspannen, tevreden persoon. Je kunt dezelfde persoon zijn in relatie tot de mensen in je directe omgeving.

Visualiseer deze mensen een voor een. Je moeder, je vader, je kinderen, je partner, vrienden, collega’s. En zeg voor jezelf: ‘Dit is hoe hij/zij is, was, in mijn ogen. Ik geef je de vrijheid om te zijn wie je bent.’  

We kunnen anderen niet veranderen; iedereen heeft zijn eigen achtergrond, mogelijkheden en beperkingen. Soms willen we wel, maar kunnen we niet veranderen. Dit valt allemaal binnen de psychologische orde, en is dus in orde.

Vrijheid ontdekken

Samengevat bieden de Upanishads en de Bhagavad Gita ons de tools en inzichten om onze vrijheid op een ontspannen manier te ontdekken. Daar is geen ‘worden’, geen strijd, geen stress bij betrokken. Het proces van je eigen vrijheid ontdekken kenmerkt zich van begin tot eind door ontspanning.


Verder lezen? Deze artikelen gaan ook over innerlijke groei:

Geplaatst op Geef een reactie

Advaita Vedanta: transformerende kennis

transformatie

Is Advaita Vedanta enkel een intellectuele uitdaging? Soms kan dit zo lijken. De Upanishads en de Bhagavad Gita – de bekendste Vedanta-geschriften – zijn niet eenvoudig te begrijpen. Ze gebruiken verfijnde onderzoeksmethodes, paradoxen en metaforen om de essentie van de wereld en onszelf te ontvouwen. Wie van een intellectuele uitdaging houdt, komt bij Vedanta dus zeker aan zijn trekken, maar dat is niet het doel van Vedanta. Het doel is bevrijding (moksha). Bevrijding van onzekerheid en ontevredenheid door een blijvende transformatie in ons denken en in onze houding naar onszelf en het leven.

Van ontevredenheid naar dankbaarheid

Vedanta helpt ons op de eerste plaats om een objectieve, dankbare houding naar het leven te ontwikkelen door in te zien dat alles gegeven is. Niets is van mij. Mijn lichaam? Gegeven. Ademhaling? Gegeven. Hartslag? Gegeven. Intellect? Gegeven. Emoties? Gegeven. Voedsel en water? Gegeven. Dit alles is niet van mij. Ik ben niet de eigenaar, want ik ben niet de maker.

Maar wat ik zelf creëer, daarvan ben ik de maker. Dit artikel schrijf ik, dus is het toch van mij? Ik zet voor de duidelijkheid wel mijn naam erbij, maar het is niet van mij. Ik schrijf dit nu met een geest, kennis en vingers die ik gekregen heb. Daarom is niets van mij. Ik heb vele dingen ‘in beheer’, maar ik kan nergens een claim op leggen.

Bhagavad Gita boek Nederlands

Swami Dayananda in De essentie van de Bhagavad Gita:

‘Alles is ons gegeven. Wat hebben wij in deze wereld gecreëerd? Je zou kunnen zeggen dat we vele uitvindingen gedaan hebben, maar een uitvinding is enkel mogelijk als er een potentie voor is. Naar de maan reizen en weer terugkomen was een prestatie die mogelijk was; naar de zon reizen en weer terugkomen is niet mogelijk. Mogelijkheden zijn ons gegeven; met ons intellect, dat ons ook gegeven is, onderzoeken we, ontdekken we en maken we gebruik van deze wereld. Dit geldt voor elke prestatie van elke generatie.’

We hebben elke prestatie te danken aan duizenden bekende en onbekende factoren, die allemaal gegeven zijn.

Dit besef, dat alles gegeven is, maakt dankbaar en bescheiden. De gever geeft in overvloed. Alles leeft, groeit en bloeit uitbundig. In alles is voorzien: water, voedsel, verschillende vormen van genot, het ervaren van uiteenlopende emoties, vriendschap, liefde, muziek en het vermogen om kennis te ontdekken en ervan te genieten. En met dit inzicht ‘niets is van mij’ kunnen we wellicht ook dankbaar weer vertrekken.

Het is gemakkelijk om het leven voor lief te nemen en te klagen over wat er (even) niet is. Maar als ik kan zien dat alles gegeven is, dan maakt ontevredenheid plaats voor dankbaarheid en verwondering over wat er wel is.

Van vervreemding naar verbondenheid

Een volgende stap is de ontdekking van de aard van de gever en onze relatie daarmee. Vedanta ontvouwt dat de gever van alles, alles is. De gever (God of Ishvara) is niet alleen de maker, maar ook het materiaal van alles in de wereld, inclusief ruimte en tijd. Meer hierover lees je in het vorige artikel ‘Een groter perspectief’.

Ishvara, de maker, doordringt de gehele kosmos. Ik kan dus niet bij Ishvara vandaan zijn. Ishvara is aanwezig in mijn lichaam als de biologische en fysieke orde. Ishvara is aanwezig in mijn geest als de cognitieve en psychologische orde. En voor de wereld om mij heen geldt hetzelfde. Ishvara is aanwezig in de aarde, de lucht, het water en de zon. Ishvara’s ontelbare wetten en wetmatigheden maken de wereld zoals zij is.

Als ik dit goed begrijp (tip: lees Ishvara in je leven) dan kan ik ontspannen in mijn totale verbondenheid met het geheel. Dan zie ik mezelf niet langer als een op zichzelf staand, onbetekenend wezen tussen ontelbaar veel andere wezens. Ik ontdek opnieuw het vertrouwen dat ik als kind had in mijn ouders en wat ik nu in de bron kan plaatsen. Ik ontdek dat ik niet vervreemd ben van de bron. Ik ben op elk vlak in mijn leven verbonden met de gever, die alles doordringt en die aan al mijn handelingen betekenis geeft. Wat ik doe, doet er toe, want ik maak deel uit van een immense, intelligente orde, waar ik op elk moment mee in verbinding sta.

Van emotionele leegte naar volheid

Het ontdekken van Ishvara als het geheel creëert de juiste levenshouding en innerlijke kalmte om de visie van Vedanta volledig te begrijpen. Die visie gaat over mij. Zelfkennis is het doel van Vedanta. Zelfkennis geeft de bevrijding van onzekerheid en ontevredenheid waar ik bewust of onbewust naar verlang. Dus de vraag is: wat of wie ben ik?

Als alles Ishvara is, inclusief mijn lichaam en geest, wat blijft er dan nog over? Wat ben ik? In het kort: ik ben een bewust wezen, dat zich bewust is van het lichaam, gedachten, emoties en de buitenwereld. De inhoud van dit bewuste wezen is bewustzijn. Lees ook het artikel ‘Wat is bewustzijn?’

De beperkingen van het lichaam en de geest horen niet bij mij, bewustzijn. De wijze die dit weet, heeft zichzelf als de bron van geluk gevonden. Want bewustzijn is altijd vol, zoals de oceaan.

Degene in wie alle wensen binnenkomen, zoals wateren binnenstromen in de oceaan die onveranderd blijft en eeuwig vol, die persoon bereikt vrede, en niet degene die naar objecten verlangt.
– Bhagavad Gita 2.70

Uit De essentie van de Bhagavad Gita:
‘De oceaan blijft altijd dezelfde; hij stroomt niet over als rivieren hun water erin storten en hij wordt niet kleiner als rivieren niet meer toestromen. De oceaan is niet afhankelijk van een andere bron van water; alle wateren komen enkel uit de oceaan voort.

Net als de oceaan, is het hart van de wijze altijd vol. Of de wereld nu wel of niet om hem geeft, of hij nu krijgt wat hij wil of niet, hij is gelukkig. Zijn volheid is onafhankelijk van alles wat komt en gaat. Daarentegen zal iemand die voor zijn geluk afhankelijk is van objecten, opgetogen zijn wanneer hij iets krijgt wat hij wil en terneergeslagen wanneer hij het niet krijgt. Zo iemand is als een meertje dat opdroogt als het niet regent en overstroomt als het door een bui wordt gevuld.’

Advaita Vedanta onthult onze essentie als sat-cit-ānanda. Sat betekent: dat wat onafhankelijk bestaat. Dat is mijn essentie: bewustzijn, cit. Elke ervaring komt en gaat in de geest, maar ik, bewustzijn, ben onveranderlijk aanwezig. En bewustzijn is ānanda: vol, onbegrensd. Bewustzijn wordt niet begrensd door tijd, ruimte of eigenschappen, want het is geen object.

Ik ben sat-cit-ānanda, bestaan-bewustzijn-volheid. Elk gevoel van leegte bestaat in mij, is mij, maar beperkt mij niet. Voor iemand met deze kennis is innerlijke leegte enkel schijnbaar, als het nog verschijnt. Gevoelens van leegte en eenzaamheid zullen vroeg of laat verdwijnen door deze zelfkennis.

Degene die alle bindende verlangens heeft opgegeven, die leeft zonder hunkering en zonder gevoel van ‘ik’ en ‘van mij’, die (wijze) bereikt vrede.
– Bhagavad Gita 2.71

Volheid, onbegrensdheid is mijn natuur. En hetzelfde geldt voor Ishvara. De essentie van Ishvara en mijn essentie is één onbegrensd bewustzijn. Dit is advaita, de non-dualiteit die Vedanta ontvouwt.

De onderwijstraditie van Advaita Vedanta

Deze kennis gaat dus over mijn diepste wezen. Vedanta onthult mijn eenheid met het geheel en bevrijdt mij zo van onzekerheid en ontevredenheid. Als deze kennis uit de Upanishads ontvouwd wordt door een bekwaam leraar, dan komen de woorden tot leven en blijft Vedanta niet slechts een intellectuele uitdaging. Wie is een bekwaam leraar? Een leraar die zelf ook is onderwezen door een leraar uit de duizenden jaren oude onderwijstraditie en die deze kennis voor zichzelf geassimileerd heeft.

Tot slot: deze transformatie in ons denken heeft tijd nodig. Iedereen is op zijn of haar eigen weg en bevrijding is een proces, niet een kortstondige ervaring. Bevrijding is het proces naar de standvastige herkenning van onze vrijheid; de absolute vrijheid die al een feit is.

Wil je hier meer over weten? Lees dan De essentie van de Bhagavad Gita of onze andere boeken over Advaita Vedanta. Kijk voor Vedanta-studie op www.advaita.nl.

Geplaatst op Geef een reactie

Een groter perspectief

Advaita Vedanta biedt ons een grotere kijk op het leven. Een perspectief waardoor ons leven van betekenis wordt en waardoor vervreemding plaatsmaakt voor verbondenheid. Advaita Vedanta laat ons zien hoe we als individu verbonden zijn met het geheel, met Ishvara (God).

Ik gebruik in dit artikel het Sanskrietwoord Īśvara en niet God, omdat het woord God voor veel mensen geassocieerd is met het beeld van een oude man in de hemel die straffen uitdeelt. De Veda’s geven ons een compleet andere kijk op God.

De Upanishads, de teksten aan het einde van de Veda’s, geven aan: er is niet één God, er zijn niet vele goden, er is enkel God (Ishvara).

De Īshāvāsya-upanishad zegt:

ishāvāsyam idam sarvam
‘Alles wat er is, is Ishvara; moge je het als zodanig beschouwen’

Veel mensen ervaren in meer of mindere mate een gebrek aan verbinding met andere mensen en de natuur. Als we de aard van Ishvara begrijpen en ontdekken dat we onlosmakelijk verbonden zijn met het geheel, verandert dat de relatie met alles om ons heen. Dan maakt vervreemding plaats voor verbinding. Dit beschrijft Swami Dayananda uitgebreid in het boekje Ishvara in je leven.

De Vedische visie op God (Ishvara)

De Upanishads ontvouwen dat alles Ishvara is. Tijd en ruimte, en alles binnen tijd en ruimte, is Ishvara. Vuur, lucht, water en aarde en alles wat uit deze elementen is voortgekomen, waaronder ons lichaam, onze geest en zintuigen, is Ishvara. Er is niets buiten Ishvara.

Ishvara wordt gedefinieerd als dat waaruit de wereld voortkomt en waar de wereld weer in terugkeert (o.a. Taittirīya-upanishad). Dat betekent dat Ishvara niet alleen de maker of schepper van de wereld is, maar ook het materiaal waar de wereld van gemaakt is. Ishvara is gemanifesteerd in de vorm van deze wereld.

Swami Dayananda in Ishvara in je leven:
‘De Vedische geschriften geven aan dat Ishvara niet alleen de maker is, maar ook het materiaal. Dit is een heel belangrijk feit dat we dienen te begrijpen. Dan kunnen we gaan ontdekken dat Vedānta de oplossing is voor alle problemen van de mens, met name het probleem van vervreemding, de enorme milieuschade die we veroorzaken, het gebrek aan respect, enzovoorts. Al deze problemen kunnen wellicht een blijvende oplossing vinden in dit begrip.’

Ishvara creëert de wereld uit zichzelf, zoals een spin

Als wij denken aan een creatie, zoals een pot van klei, dan verschilt de maker van het materiaal. De pot is gemaakt door een pottenbakker en de klei staat los van die pottenbakker. Als je de pot koopt en mee naar huis neemt, dan neem je niet ook de pottenbakker mee naar huis! De maker en het materiaal zijn verschillend.

Maar als we het hebben over de creatie van het totaal, alles, inclusief ruimte en tijd, dan kan de Maker het materiaal enkel uit zichzelf halen. Want er is geen plaats in ruimte buiten Ishvara waar het materiaal vandaan gehaald kan worden, want ruimte is onderdeel van de creatie. Dus Ishvara is de maker en het materiaal van het universum. Maker en materiaal zijn identiek.

De Upanishads geven ons een model om dit te assimileren; dat van de spin en zijn draad. 

yathā ūrṇanābhiḥ sṛjate gṛhṇate ca
‘Zoals de spin vanuit zichzelf creëert en alles weer in zichzelf terugneemt’
– Muṇḍaka-upaniṣad 1.1.7

De spin is de maker en ook de materiële oorzaak, want hij heeft niet ergens buiten zijn lichaam materiaal vandaan gehaald om de draad van te maken. Vanuit zijn eigen standpunt – vanuit het standpunt van het intelligente, bewuste wezen – is hij de maker, de intelligente oorzaak van de draad. Vanuit het standpunt van het materiaal, dat hij produceert uit zijn eigen lichaam, wordt hij de materiële oorzaak. De maker en het materiaal zijn identiek in het geval van de spin. Zo ook is deze gehele wereld voortgekomen uit Ishvara, die de maker en het materiaal is van de wereld.

De maker van alles is alle kennis

De definitie van Ishvara door de Upanishads gaat nog verder. Hiervoor gaan we terug naar de creatie van een pot. De pottenbakker moet de kennis bezitten van wat een pot is en hoe hij gemaakt moet worden. Zonder deze kennis kan iemand geen pot maken. De pot-maker is dus een pot-kenner. Een brood-maker is een brood-kenner. Zo is Ishvara, als maker van alles, de kenner van alles (sarvajña). Ishvara is alle kennis. En kennis verblijft altijd in een bewust wezen.

Ishvara is een bewust wezen met alle kennis, dat zich manifesteert als deze wereld vol verscheidenheid.

Dit klinkt waarschijnlijk nog erg abstract. We kunnen ons geen voorstelling maken van een wezen dat alle kennis is. Dat gaat ons beperkte intellect te boven. Maar we kunnen ons wel gewaar worden van Ishvara als de intelligente orde die alles in ons leven doordringt. Ons hart klopt vanwege de biologische orde. We kunnen deze woorden lezen en begrijpen vanwege de cognitieve orde. En als we boos of verdrietig zijn, dan gebeurt dat in lijn met de psychologische orde.

Ishvara herkennen als orde

Zowel de mogelijkheden als onmogelijkheden onthullen Ishvara. Het is onmogelijk om de letter ‘a’ te zeggen terwijl je je lippen tuit (probeer maar eens 😊). Deze onmogelijkheid onthult een orde, een wetmatigheid. En dat je wel de letter ‘oe’ kunt zeggen als je je lippen tuit, is ook vanwege een orde. Het is gegeven. En wat gegeven is, staat niet los van de Gever, Ishvara.

Dat iemand wil veranderen, maar niet kan veranderen, is ook in orde. Dat iemand op een ander gebied wel kan veranderen en emotioneel kan groeien, toont ook de orde van Ishvara. Zo kunnen we voortdurend Isvhara in ons gewaarzijn brengen, op elk vlak van ons leven. Dit heeft tot gevolg dat we kunnen ontspannen onder de hoede van Ishvara. Want we kunnen vertrouwen op de intelligente orde die alles doordringt.

Je bent nooit bij Ishvara vandaan

Uit Ishvara in je leven:
‘Alles waar je je gewaar van bent is Ishvara; dat betekent dat je kunt ontspannen. In het gewaarzijn van Ishvara ontspan je. Je kunt de orde vertrouwen, want de orde is onfeilbaar. Ik zeg niet dat God onfeilbaar is. Ik zeg dat de onfeilbare orde God is. Dit verschil moet begrepen worden. Ishvara is gemanifesteerd in de vorm van orde. Die orde is onfeilbaar, daarom heet het ook orde; je kunt het veralgemeniseren en begrijpen. Met die kennis kun je je conformeren aan de wetten en gebruik van ze maken. Je kunt in deze wereld een gepaste positie innemen zonder schade aan te richten.

Als voor jou het onfeilbare God is, dan is er geen wantrouwen mogelijk. Het onfeilbare kan niet gewantrouwd worden. Het onfeilbare is heel duidelijk aanwezig in anatomie, in fysiologie, biologie, psychologie, epistemologie, in dharma en in alles. Dus je bent nooit bij Ishvara vandaan, noch in tijd, noch in ruimte. Jouw cognitieve verandering over wat Ishvara is, helpt je om te zien dat het onfeilbare Ishvara is. Je kunt ontspannen. Dit is hoe je Ishvara in je leven brengt.’

Er is enkel Ishvara

Boek Ishvara in je leven

Wanneer we Ishvara in alles ontdekken, verdwijnen gevoelens van vervreemding, wantrouwen en onzekerheid. Onze kijk op onszelf en onze relatie met de wereld verandert fundamenteel. En uiteindelijk wordt het verschil tussen ik, de wereld en Ishvara zo dun, dat de weg vrij is naar het begrijpen van de absolute eenheid. Er is enkel één essentie, en dat Ene geheel, dat ben ik.

Voor een verdere verdieping raad ik het prachtige boekje Ishvara in je leven van Swami Dayananda aan.

Geplaatst op 4 Reacties

Blijvende tevredenheid

tevredenheid

De mens lijkt in de basis ontevreden. We moeten ons omringen met leuke mensen, lekker eten en plezierige dingen om momenten van tevredenheid te kunnen ervaren. Tevredenheid lijkt te komen en te gaan en afhankelijk te zijn van externe factoren. Advaita Vedanta toont het tegendeel aan: tevredenheid is je natuur; het is ontevredenheid die komt en gaat. De heldere kennis dat je zelf de betekenis van tevredenheid bent, verdrijft de ontevredenheid voorgoed.

Zodra we ons ontevreden voelen, proberen we dit onplezierige gevoel kwijt te raken. We doen afstand van dingen of mensen die we niet plezierig vinden en we vergaren dingen waar we van houden. Dit gaat de hele dag zo door. Maar worden we daar echt tevreden van? Zijn het echt de dingen en mensen die ons tevreden maken?  

Tevredenheid is niet maakbaar

Omstandigheden hebben niet de kracht om ons tevreden te maken. Ga maar na: de ene keer voelen we ons gelukkig als we onze lievelingsmaaltijd eten, en een andere keer kunnen we er niet van genieten, omdat we ons zorgen maken over de extra kilo’s die er de afgelopen maanden bij zijn gekomen. We kunnen tevredenheid niet afdwingen of regisseren. Het lijkt alsof bepaalde mensen, dieren of dingen ons af en toe gelukkig maken. Maar dat komt omdat de ontevreden, onrustige geest even tot rust komt, waardoor tevredenheid, je eigen volheid, zich kan manifesteren in je geest.

Uit De essentie van de Bhagavad Gita van Swami Dayananda:
‘Wanneer je naar iets verlangt, is de geest onrustig; als het verlangde object verkregen is, is de rusteloosheid verdwenen en is de geest bevredigd. Het geluk dat je ontdekt, ligt in deze bevredigde, tevreden geest, niet in een object. Je houdt van die mensen, situaties en objecten die jouw geest tevreden kunnen maken. Niet elk object kan dit; door je achtergrond, waarden en opvoeding staan alleen bepaalde objecten en personen jou aan. Maar het geluk dat je ondervindt komt nooit van objecten of mensen, hoe dierbaar ze ook mogen zijn. Geluk is alleen zichtbaar in een tevreden geest, een geest die niets verlangt, want het zelf is de bron van geluk. De vreugde die je ervaart als je iets moois ziet of een aangenaam liedje hoort, is een expressie van jouw eigen natuur – een greintje van het onbegrensde geluk dat je bent.’

Vrij van wensen

Wat gebeurt er als deze kennis, ontvouwd door het onderwijs van Vedanta, door iemand volledig en helder begrepen is? Dan is iemand vrij van alle wensen. Stel je maar voor: als je zou weten dat je zelf de tevredenheid bent die je zoekt, dat je vol en compleet bent, dat er niets aan jou ontbreekt, dan zullen wensen voor meer veiligheid en meer plezier je niet meer binden. Want je bent niet afhankelijk van de wereld voor je geluk. 

Als iemand alle wensen die de geest koestert volledig opgeeft, voldaan in het zelf, door het zelf, dan wordt diegene een persoon van evenwichtige wijsheid genoemd. 
– Bhagavad Gita 2.55

Tevredenheid staat los van het vervullen van wensen. Dit inzicht kan ons hele leven transformeren. Als onze tevredenheid niet afhangt van omstandigheden, maar onze eigen natuur is, dan zijn we vrij. Dit is de vrijheid (mokṣa) die Advaita Vedanta onthult.

Onwetendheid is het probleem

Maar als tevredenheid onze natuur is, waarom zoeken we er dan naar? Dit komt omdat we onwetend zijn. Door onwetendheid en verkeerde overtuigingen onteigenen we onze ware natuur.

We worden als mens onwetend geboren en doen geleidelijk kennis op over de wereld. Maar de kenner die de wereld, inclusief het lichaam en de geest, waarneemt, blijft een groot raadsel. We leren niets over de ‘ik’ die voortdurend aanwezig is in elke waarneming. Vedanta heeft juist deze kenner, dit bewuste wezen, als onderwerp met als doel om onze onwetendheid te verdrijven, als we dat wensen. Vedanta is specifiek bedoeld voor mumukṣu’s, mensen die naar vrijheid verlangen. Die tot de ontdekking zijn gekomen dat de wereld tijdelijk en veranderlijk is en geen blijvende tevredenheid kan geven.

Tevredenheid ontdekken

Door middel van verfijnde onderwijsmethodes laat het onderwijs van Vedanta zien dat we de beperkingen van het lichaam, de geest en zintuigen op onszelf hebben geprojecteerd. Onze essentie is enkel bewustzijn; vrij van tijd, plaats en eigenschappen, onbegrensd, vol. De tevredenheid die we zoeken is onze eigen onbegrensdheid.

Omdat deze kennis ingaat tegen onze huidige overtuigingen is het om te beginnen van belang een relatieve tevredenheid te ontdekken. Alleen een relatief tevreden persoon kan begrijpen dat hij of zij absolute tevredenheid is, die nooit komt en gaat. Alleen een kalm persoon die vrij is van conflict kan langere tijd bij het onderwijs van Vedanta stilstaan en zijn eigen vrijheid toe-eigenen. Daarom geeft Vedanta ons kwaliteiten om te ontwikkelen, waaronder vairāgya, objectiviteit.

Objectiviteit geeft kalmte

Subjectiviteit is een oorzaak voor veel onrust in de geest en daarmee voor ontevredenheid. Als we de dingen in de wereld onterecht veel waarde toekennen, dan bestaat ons leven uit verwachtingen en teleurstellingen. We kunnen onze subjectieve projecties op de wereld verminderen door te onderzoeken wat de feitelijke waarde is van bijvoorbeeld geld, status en gezelschap. Alles heeft zijn waarde, maar we moeten gaan zien dat de dingen in de wereld ons geen blijvende veiligheid of tevredenheid kunnen geven. Door vairāgya, objectiviteit, te ontwikkelen, wordt de geest kalm, onberoerd door het wel of niet aanwezig zijn van mensen en dingen. Zo ontdekken we een zekere tevredenheid in onszelf.

Wie niet gehecht is aan externe objecten vindt geluk in zichzelf. Maar wie beschikt over de kennis van brahman (het onbegrensde) verkrijgt het geluk dat nooit afneemt.
– Bhagavad Gita 5.21

Het ontwikkelen van objectiviteit en andere kwaliteiten is een voorbereiding voor het volledig begrijpen van de kennis van brahman, het onbegrensde. Het traditionele onderwijs van Vedanta is systematisch en grondig. Door te luisteren naar het onderwijs zul je steeds beter gaan zien wat de natuur is van jezelf en van de wereld. En dat de essentie van jezelf gelijk is aan de essentie van alles.

Bewustzijn is het bestaan van alles en is onbegrensd. Deze onbegrensdheid is de betekenis van wat we tevredenheid noemen. Tevredenheid kan dus niet komen en gaan, want het is jouw natuur. Het is de ontevredenheid die komt en gaat door de onwetendheid en verkeerde overtuigingen over onszelf en de aard van de wereld.

Wil je meer lezen over Advaita Vedanta? Bekijk dan hier ons leesadvies.
Kijk voor (online) Vedanta-onderwijs op Advaita.nl.

Geplaatst op Geef een reactie

Advaita Vedanta-meditatie

Tempel in Rishikesh India

Wat is Advaita Vedanta-meditatie? Welke vormen van Vedanta-meditatie zijn er? Wat is het doel van meditatie voor een Vedanta-student? Wie is de mediteerder? Al deze vragen komen aan bod in dit artikel.

Maar eerst bij het begin beginnen: wat is het doel van Advaita Vedanta? Dat is zelfkennis. De heldere, standvastige kennis ‘ik ben brahman, het onbegrensde bewustzijn, dat de oorzaak is van de wereld’. Deze kennis staat gelijk aan mokṣa, bevrijding van elk gevoel van beperking. Vedanta geeft vrijheid. Vrijheid van alles waar je niet aan gebonden wilt zijn, maar denkt wel aan gebonden te zijn, zoals verdriet, onzekerheid en de dood.

Bij het verkrijgen van deze kennis speelt meditatie (dhyānam) een belangrijke rol. We onderscheiden in Vedanta twee soorten meditatie:

  • Voorbereidende meditatie om je geest geschikt te maken voor de kennis van Vedanta.
  • Contemplatie op de verkregen kennis.

Vedanta-meditatie 1: voorbereidende meditatie

De traditionele definitie van het eerste type meditatie is saguṇa-brahma-viṣaya-mānasa-vyāpāraḥ – mentale activiteit gericht op Īśvara. Deze vorm van meditatie vergt begrip van wat Īśvara (God) is. Īśvara is de oorzaak van het gehele universum, degene die het universum in stand houdt en weer terugneemt in zichzelf. Alles wat we kennen en niet kennen; alles in dit universum is doordrongen van Īśvara. Īśvara is het bestaan en bewustzijn van alles wat leeft en de intelligente orde en wetten waardoor alles functioneert zoals het functioneert. Op alle niveaus in mijn leven ben ik dus verbonden met Īśvara, of ik dat nu wel of niet besef. In eerdere artikelen ben ik hier uitgebreider op ingegaan, zie bijvoorbeeld ‘Non-dualiteit en God’.

Hoewel er enkel Īśvara is, zie ik mezelf als een individu. Ik identificeer me met mijn lichaam, geest en zintuigen. Als individu sta ik in relatie tot Īśvara zoals een golf in relatie staat tot de oceaan. Het onderwijs van Vedanta is erop gericht mij te helpen zien dat ik gelijk ben aan Īśvara. Ik, het individu, en Īśvara, het totaal, zijn beiden brahman: één onbegrensd bewustzijn. Zoals de golf en oceaan beiden water zijn. Maar zoals bij het verkrijgen van elk soort kennis, is er enige voorbereiding nodig. Een kind kan nog geen wiskundige sommen maken, want het moet eerst nog leren rekenen. Zo is er ook een innerlijke voorbereiding nodig voor Vedanta. Daar is dit eerste type meditatie op gericht.

Vedanta-meditatie voor een heldere, kalme geest

Voor het begrijpen van de visie van Vedanta heb je een kalme, alerte geest nodig en een zekere ontspanning door zelfacceptatie. Meditatie is hiervoor een van de middelen. Geleidelijk ontwikkel je door meditatie meer beheersing over je geest en ben je in staat langere tijd geconcentreerd te luisteren naar het onderwijs van Vedanta.

De andere middelen die de Bhagavad Gita en de Upanishads ons aanreiken zijn onder andere het cultiveren van universele waarden zoals ahimsa (niet-kwetsen) en het verminderen van onze subjectiviteit. Meer hierover kun je lezen in het boek De Waarde van Waarden van Swami Dayananda.

De geest is van nature rusteloos

In de Bhagavad Gita zegt Arjuna:

‘O Krishna, de geest is zo wispelturig. Hij is een krachtige, volhardende onruststoker.
De geest is zo moeilijk te bedwingen als de wind.’
– Bhagavad Gita 6.34

Waarop Krishna antwoordt:

‘Zonder twijfel, Arjuna, is de geest wispelturig en moeilijk te beheersen.
Maar door herhaaldelijke oefening en objectiviteit komt hij onder controle.’
– Bhagavad Gita 6.35


Meer Bhagavad Gita quotes over meditatie

De geest is altijd bezig en van nature rusteloos. Gedachtevormen (vṛtti’s) wisselen elkaar snel af, zodat we een vloeiend beeld krijgen van de buitenwereld. Net zoals een film uit snel op elkaar volgende stilstaande beelden bestaat. Beweging in de geest is dus heel natuurlijk. Wat we met meditatie willen bereiken is een zekere mate van zeggenschap over de geest. Dat je kunt kiezen waar je jouw geest voor langere tijd op richt. Dat je geest beschikbaar is als instrument om te gebruiken, zoals je handen en voeten dat voor je zijn.

Met meditatie train je dit vermogen. Je geeft je geest een betekenisvolle, bewuste bezigheid. Dat kan om te beginnen het waarnemen van je ademhaling zijn. Voel de ontspannen adem bij je neusvleugels naar binnen en naar buiten gaan. Zodra je geest afgeleid raakt, keer je weer terug naar het voelen van de adem bij je neus. Zo train je het vermogen om je geest richting te geven en ontwikkel je concentratievermogen. Dit is een eenvoudige, maar effectieve meditatie om meer beheersing over je geest te krijgen.

Japa – mediteren met een mantra

Advaita Vedanta-meditatie heeft een extra dimensie; je verbindt je bewust met Īśvara. De bekendste vorm is japa, mantrameditatie. Je herhaalt hierbij mentaal een mantra zoals ‘om namaśśivāya’ – mijn eerbiedige begroeting aan Shiva (Īśvara). Zo ontwikkel je niet alleen meer beheersing over je geest, maar versterk je ook je gewaarzijn van Īśvara in je leven. En hoe meer Īśvara in je leven, hoe minder zorgen, bindende verlangens en frustratie. Kortom, je ontwikkelt een tevreden, kalme geest, wat nodig is voor de studie van Vedanta. Lees meer over japa in het gelijknamige boekje van Swami Dayananda, hier gratis als pdf te downloaden.

Omdat je in meditatie kiest voor een bewuste bezigheid – het voelen van de adem of het herhalen van een mantra – ontstaat er zoiets als ‘afleiding’ en kun je je geest trainen om terug te keren naar het onderwerp van aandacht. Van nature zal de geest afdwalen, maar het doel van meditatie is om hem weer terug te brengen.

Leren mediteren

Voordat je begint met mediteren is het van belang eerst te ontspannen en vertrouwd te raken met de mediteerder. De mediteerder is de basis-ik. Dat wil zeggen, de ‘ik’ los van alle rollen, zoals vader/moeder, vriend/vriendin, zoon/dochter, werknemer/werkgever. Jij, als een simpel bewust wezen.

Dit alles kun je leren in deze meditatiecursus van Swami Dayananda, te beluisteren op het YouTube-kanaal van de Arsha Vidya Gurukulam in de Verenigde Staten. Mediteren is ook een onderdeel van onze Advaita Vedanta-lessen, zie Advaita.nl

Vedanta-meditatie 2: contemplatie

Het tweede type Vedanta-meditatie is bedoeld voor degenen die helder begrijpen: ‘ik ben brahman, onbegrensd bestaan-bewustzijn’. Zij hebben deze kennis verkregen door langere tijd systematisch Advaita Vedanta-onderwijs te volgen.

De Upanishads geven aan dat het leerproces uit drie onderdelen bestaat:

  • Śravaṇam – met een onderzoekende, open houding veelvuldig luisteren naar de woorden van Vedanta (Upanishads en Bhagavad Gita), ontvouwd door een bekwame leraar.
  • Mananam – met behulp van logica alle twijfels oplossen onder begeleiding van een leraar.
  • Nididhyāsanam – zelfstandige contemplatie op de verkregen visie. 

Nididhyāsanam, contemplatie, is een vorm van meditatie, bedoeld voor als het zelf heel helder wordt gekend, maar de student de kennis steeds lijkt kwijt te raken. Oude gedragspatronen, gewoontedenken en onbewuste spanningen kunnen de geest overnemen, waardoor iemand nog niet ten volle kan genieten van de verkregen kennis.

De definitie van contemplatie is: nirguṇa-brahma-viṣaya-mānasa-vyāpāraḥ – mentale activiteit gericht op brahman, het onbegrensde. Hierbij contempleer je op bepaalde woorden of zinnen, waarvan de betekenis ‘ik ben brahman’ is. Zoals: ‘aham pūrṇaḥ – ik ben het geheel’ en ‘aham saccidānanda-svarūpaḥ – mijn essentie is bestaan-bewustzijn-onbegrensdheid’. De betekenis van de woorden zijn direct helder voor de contempleerder, zonder erover na te denken. Door op deze manier langdurig in de kennis te verblijven, worden emotionele obstakels en oude denkpatronen opgeruimd. In deze Vedanta-meditatie is er dus geen verschil meer tussen de mediteerder en het object van meditatie. Je contempleert op de waarheid van je eigen zelf.

Tot slot een mooie quote over contemplatie uit het boek ‘De essentie van de Bhagavad Gita’ van Swami Dayananda:

‘Laat de geest verblijven in de waarheid die je hebt ontdekt. Je weet dat je compleet geluk bent, volheid, bewustzijn, vrijheid, zonder handeling, bewegingsloos, totale vrede, totale stilte. Die bewegingsloze, vormloze, gedaanteloze stilte ben jij. Laat je geest zich bewust zijn van dit feit. Erken dat je bewustzijn, stilte bent – gedaanteloze, vormloze stilte.

Ik hoop dat dit artikel je meer inzicht heeft gegeven in Vedanta-meditatie. Heb je vragen of wil je meer weten? Neem contact op of laat hieronder een opmerking achter.

Geplaatst op Geef een reactie

Non-dualiteit en God

Als je jezelf wilt kennen als het Ene, het onbegrensde, is God dan van belang? Gaan God en non-dualiteit wel samen? In klassieke Advaita Vedanta neemt God (Īśvara) een belangrijke plek in. In dit artikel zal ik proberen uit te leggen waarom. 

1. Zelfkennis is afkomstig van Ishvara

Vedanta maakt deel uit van de Veda’s, de geschriften die vorm geven aan de religieuze cultuur van de hindoes.  Aan de basis van deze cultuur ligt de visie dat alles Ishvara (God) is, alles is heilig. Vraag een willekeurige Indiër waar Shiva is en je zult een vragende blik terugkrijgen. ‘Waar? Shiva is overal!’ Zoals veel westerlingen zijn opgegroeid met het idee dat God in de hemel is, zo is het voor hindoes in India vanzelfsprekend dat alles God is. Dat is hun levensovertuiging, met als bron de Veda’s.

De Veda’s zijn een grote bundel verzamelde teksten en mantra’s die duizenden jaren van generatie op generatie mondeling zijn overgedragen en uiteindelijk zijn opgeschreven. Ze bevatten kennis over rituelen en hun resultaten, gebeden, meditaties en zelfkennis. Vedanta is de zelfkennis die we vinden aan het einde van elk van de vier Veda’s, vandaar de naam Veda-anta, ‘einde (anta) van de Veda’. Een andere naam voor deze zelfkennis is Upanishad.

De Veda’s worden beschouwd als geopenbaarde kennis, afkomstig van Ishvara. Ze hebben geen auteur. Net zoals niemand de bedenker is van de kennis van natuurkundige wetten, zo is niemand de bedenker van de spirituele kennis in de Veda’s. De rishi’s (zieners) hebben de Veda-mantra’s gezien, niet bedacht. Deze kennis maakt onlosmakelijk deel uit van het universum.

Ishvara is de eerste leraar
De traditie beschouwt Vedanta of de Upanishads dus net als de rest van de Veda’s als afkomstig van Ishvara. In de Kaivalya-upanishad wordt Ashvalāyana onderwezen in zelfkennis door Brahmāji, de God van creatie; dat wil zeggen het aspect van Ishvara dat zorgt voor de manifestatie van het universum. En in de Katha-upanishad wordt de jonge Naciketas onderwezen door Yama, de God van de dood. Zo maken de Upanishads duidelijk dat deze kennis niet door jou of mij is uitgedokterd, maar rechtstreeks van Ishvara komt.

Ishvara is de eerste Vedanta-leraar, net zoals Ishvara de eerste vader en moeder is. Op deze manier is het onderwijs van Advaita Vedanta verbonden met Ishvara. De huidige Vedanta-leraren zijn schakels in de duizenden jaren oude, ononderbroken lijn van leraren en leerlingen, die helemaal teruggaat tot aan de rishi’s en Ishvara.

2. Vedanta zegt: jij bent God

De tweede reden waarom Advaita Vedanta niet zonder Ishvara kan bestaan, heeft alles te maken met de kennis zelf. Het onderwijs is gericht op het begrijpen van de zin: ‘tat tvam asi’ (Chandogya-upanishad). Wat betekent: ‘Dat (Ishvara) ben jij’; jij bent God.

Ishvara is één helft van deze gelijkstelling, die de kern van de Upanishads is. Zonder Ishvara is het onderwijs onvolledig. Zowel de waarheid van ‘dat’ (Ishvara, het geheel) als van ‘jij’ (het individu) wordt helder ontvouwd in Advaita Vedanta, zodat hun gelijkheid, hun eenheid zichtbaar wordt. Met alleen de waarheid van ‘jij’, als individu, ben je er nog niet. Mezelf zien als bewustzijn, als iets dat onafhankelijk bestaat van de wereld, kan leiden tot dissociatie of vervreemding van de wereld, wat geestelijk ongezond is. En ‘ik ben bewustzijn’ is ook niet het volledige onderwijs van Vedanta. Het is pas volledig als niets is buitengesloten. De wereld, inclusief de maker van de wereld, moeten deel uitmaken van de visie. Alleen dan is er non-dualiteit, één onbegrensde werkelijkheid.

Ishvara is in de vorm van orde
Hoe kunnen we Ishvara begrijpen in het licht van Advaita Vedanta? Ishvara is een Sanskrietwoord en betekent: dat wat altijd regeert, beschermt. Het is een naam voor de wetten en de intelligente orde die we in alles vinden. Bekijk een willekeurig deel van je lichaam, bijvoorbeeld het hart. Het blijft vanzelf kloppen, vanwege een bepaalde orde. Zo ook zitten je hersenen, longen en het maagdarmstelsel intelligent in elkaar. Het hele lichaam is een samenspel van vele ordes die samen één grote orde vormen, waardoor het lichaam leeft. Artsen bestuderen deze orde.

Psychologen bestuderen de emotionele en cognitieve orde van de mens. Natuurkundigen bestuderen de natuurkrachten, zoals de zwaartekracht. Al deze wetenschappers ontdekken de kennis die al aanwezig is in de wereld. Ze creëren geen nieuwe kennis. En in hun onderzoek gaan ze daarbij uit van de onfeilbaarheid van de natuur. Ze zoeken naar de orde der dingen.

De Veda’s geven aan dat er ook een orde van dharma en karma is, die kort gezegd neerkomt op de wet: wat je zaait zul je oogsten. Al deze wetten en natuurlijke ordes vormen samen één onvoorstelbaar grote orde. Die orde is Ishvara; dat wat regeert.  

Alles is God
Waar is Ishvara dan? Overal om ons heen en in ons. Alles is Ishvara.

De Isha-upanishad begint met:

īśā vāsyam idagṁ sarvaṁ… (1)

‘Dit alles, alles dat beweegt in deze wereld, dient bedekt te worden met Ishvara.’

Bedekken wil zeggen: we moeten dit gaan begrijpen. In onze visie moet het duidelijk zijn dat alles wat we kennen en niet kennen, alles in dit universum, Ishvara is. Inclusief ons ‘eigen’ lichaam. Alles waarvan we denken dat het van ons is, blijkt bij nader onderzoek toe te behoren aan Ishvara.

Uit het boek De essentie van de Bhagavad Gita van Swami Dayananda:

‘Over niets in de schepping kun je autoriteit claimen. Als je niet de maker bent, kun je niet de eigenaar zijn; de schepper is de eigenaar. Je kunt niet zeggen dat je een grote handelsonderneming hebt gecreëerd. Om dat te doen, moet je eerst bestaan, maar je hebt je eigen lichaam niet gecreëerd. Je bedrijfspand staat op een stuk grond dat je niet gecreëerd hebt. Het gebouw dat je daar hebt, heb jij niet gemaakt. De natuurwetten zijn verantwoordelijk voor het gebouw en de materialen waaruit het gebouw is opgebouwd zijn uit de schepping geput. De baksteen is niet jouw creatie; hij is mogelijk gemaakt door de Heer die de klei leverde. Wat is nu precies jouw creatie? Je kunt je helemaal niets toe-eigenen. Eigenaarschap is slechts een idee.’

3. De rol van Ishvara in emotionele groei

Alles is gegeven. We hebben niets zelf gecreëerd. En de Gever van dit alles, ís alles. Dit begrip dat alles Ishvara is, maakt je kalm, dankbaar en objectief. En het geeft je een gezonde eigenwaarde. Dit is de derde belangrijke plek die Ishvara inneemt binnen het onderwijs van Advaita Vedanta. Het herkennen van je alomvattende verbinding met Ishvara zorgt ervoor dat je rijp wordt voor het onderwijs van Vedanta.

Ishvara als supertherapeut
Met dit begrip van Ishvara kun je zeggen: ik ben volledig in orde, elk vleugje emotie, elke ‘vreemde’ neiging; het is allemaal in orde. Niets valt buiten de orde van Ishvara. Om emotioneel volwassen te worden heb je deze validatie nodig (zie ook het artikel Emotionele volwassenheid verandert je leven).

‘Ishvara is als een supertherapeut’, zei vooraanstaand Vedanta-leraar Swami Dayananda. Therapie bestaat in de kern uit validatie. De therapeut zegt dat je gevoelens en neigingen normaal zijn en zet deze in een breder perspectief. Maar de validatie van de therapeut is niet volledig. De therapeut is ook maar een mens; hij of zij kan zich vergissen. Maar in je begrip van Ishvara vind je die complete validatie wel, wetende dat alles verloopt volgens de feilloze, universele wetten en orde die gegeven zijn. Iedereen is volledig in orde in de ogen van Ishvara. Dit is kennis en blijft dus altijd van kracht, wat anderen ook over je zeggen.

Een onlosmakelijke verbondenheid
Door je begrip van Ishvara kun je ontspannen. Alles is immers in orde. En misschien ontdek je zelfs devotie. Door deze kennis kan er een natuurlijke bewondering, respect en liefde voor de Gever ontstaan. Dit alles zorgt voor een kalme, contemplatieve geest.

Zeggen dat je niets met God hebt, is eigenlijk zoiets als zeggen dat je niets met de natuur hebt. Je ademt natuur, je loopt op de natuur, je eet en drinkt natuur. Zo ook is Ishvara op alle niveaus in je leven aanwezig. Als individu sta je voortdurend in relatie tot Ishvara, waar is Ishvara niet? Ruimte, tijd, lucht, vuur, water, aarde en alles wat uit de elementen is voortgekomen is Ishvara. Dit is de Vedische visie op God en dit zien we ook volop terugkomen in de Vedische cultuur, waarin alles heilig wordt beschouwd. Geld wordt vereerd als de godin Lakshmi. Kennis, muziek en kunst als de godin Sarasvati. Het eigen lichaam is een tempel voor de jiva (ziel) die van lichaam naar lichaam reist. De Vedische cultuur is zeer diepzinnig.

Gaan God en advaita samen?

Boek Ishvara in je leven
Leestip

Terug naar de vraag in de introductie van dit artikel: gaan God en non-dualiteit samen? Wel als de Vedische visie op God helder is. Deze visie geeft je de geestelijke voorbereiding voor het begrijpen van het uiteindelijke onderwijs van de Upanishads: ‘jij bent Ishvara.’ Door het gewaarzijn van Ishvara in je leven word je kalm en contemplatief. Dan kan het systematische onderwijs van Advaita Vedanta je beperkende overtuigingen over jezelf wegnemen, zodat je zult herkennen dat er in werkelijkheid geen verschil is tussen Ishvara en jou.

De essentie van Ishvara is gelijk aan de essentie van ‘ik’: beiden zijn één onbegrensd bestaan-bewustzijn. De verschillen tussen het individu en Ishvara, het geheel, zijn slechts schijnbaar (mithya). Daarmee is de kennis volledig. Het resultaat is vrijheid van elk gebrek en een leven waarin je kunt genieten van de wereld. Want alles is gegeven en alles is in orde.

Dit artikel heeft hopelijk meer inzicht gegeven in klassieke Advaita Vedanta.

Wil je meer weten? Bekijk dan onze boeken of kijk op www.advaita.nl voor het lesaanbod in Nederland.

Over Advaita Vedanta

Advaita Vedanta is een duizenden jaren oude onderwijstraditie die teruggaat tot aan de rishi’s, de zieners van de Upanishad mantra’s. De rishi’s hebben de mantra’s en hun betekenis mondeling doorgegeven en de onderwijstraditie geïnitieerd. Veel later pas zijn de Sanskrietmantra’s opgeschreven en rond het jaar 800 door de vooraanstaande Adi Shankaracharya becommentarieerd. Dankzij een ononderbroken lijn van leraren en leerlingen, waaronder Shankaracharya en Swami Dayananda (1930-2015), is deze onderwijstraditie nog altijd springlevend.

Geplaatst op 2 Reacties

In gesprek over ‘Sleutel tot de Upanishads’

Gesprek met Manon van Dijk-Hullegie, uitgever, journaliste en schrijfster van het boekje Sleutel tot de Upanishads. Ze heeft van 2012 tot 2015 samen met haar man, Rommert van Dijk, in Anaikatti in Zuid-India een driejarige opleiding Advaita Vedanta gevolgd, onder leiding van Swami Dayananda Saraswati.

Acht jaar geleden besloot je naar India te vertrekken voor een driejarige Vedanta-opleiding. Hoe kwam je daartoe?

Manon: “Ik ben lang op zoek geweest naar de antwoorden op grote levensvragen: wie ben ik, wat is de wereld, wat is God, is er rechtvaardigheid in het leven? Ik las veel boeken over allerlei filosofische en spirituele stromingen en ging naar satsangs en retraites, maar ik vond geen duidelijke antwoorden. Mijn man, Rommert van Dijk, was opgeleid op de School voor Filosofie en was net als ik op zoek. In 2006 besloten we samen af te reizen naar Rishikesh in India om onze spiritualiteit te verdiepen. In de Dayananda ashram ontmoetten we Swami Dayananda Saraswati. Hij gaf daar een driejarige opleiding Advaita Vedanta. Ik was enorm onder de indruk van deze man; zijn rust, zijn volledige acceptatie, zijn wijsheid, warmte en liefde. Hij had zichtbaar gevonden waar ik naar verlangde. Terug in Nederland hebben we ons verder verdiept in Vedanta. Ik ben ook boeken gaan uitgeven van Swami Dayananda. Uiteindelijk besloten we in 2015 alles achter ons te laten en de driejarige opleiding in India onder leiding van Swamiji te gaan volgen.”

Waarom nu dit boek ‘Sleutel tot de Upanishads’?

“Dankzij Swami Dayananda ben ik bij de onderwijstraditie van Advaita Vedanta uitgekomen. Tot die tijd kende ik de Upanishads als mystieke geschriften. In Nederland  worden de Upanishads wetenschappelijk benaderd als oude filosofische teksten die voor niemand echt te begrijpen zijn. Soms wordt er gereflecteerd op de mantra’s om er daarna over te discussiëren. Of de mantra’s worden gezongen met het doel spirituele ervaringen te verkrijgen. Er is in Nederland nog weinig bekend over de Upanishads en de onderwijstraditie en lesmethoden, zoals wij die in India hebben geleerd. Voor mij een reden dit boekje te schrijven. De Upanishads hebben namelijk wel degelijk een eenduidige en heldere visie over onszelf die gecommuniceerd kan worden.”

Upanishad is een moeilijk woord. Wat betekent het?

“Upanishad is een Sanskrietwoord. Sanskriet is een oude Indiase taal. Het woord Upanishad betekent ’kennis van het zelf’. De Upanishads zijn heel oude teksten, duizenden jaren oud, eerst mondeling overgeleverd, en later ook schriftelijk. De Upanishads gaan over zelfkennis, over ‘onbegrensd bewustzijn’.”

Wat bedoel je met ‘onbegrensd bewustzijn’?

“Bewustzijn is altijd aanwezig, in elke waarneming, in elke gedachte. Je bent je bewust van de smaak van chocola, van het boek dat je ziet, van het feit dat je hier zit, van je telefoon in je hand. Dat bewustzijn is er altijd en overal. Daarom noemen we het ‘onbegrensd’. Je kunt het zien als een straatlantaarn die, bij wijze van spreken, altijd schijnt. Wat er ook onder te zien is, plezierige of onplezierige gebeurtenissen; de lamp blijft altijd schijnen, zonder oordeel en zonder zelf aangetast te worden. Net als het bewustzijn, dat er altijd is, in elke ervaring. Het is de ‘ik’ als je zegt ‘ik ben’. Wij zijn ‘onbegrensd bewustzijn’.”   

Het boek heet Sleutel tot de Upanishads. Betekent dit dat ik, als ik dit boekje lees, alles weet over de Upanishads?

“Nee, zeker niet. Met de sleutel bedoel ik de onderwijstraditie. Je hebt een leraar nodig om de Upanishads te kunnen begrijpen. Deze kennis kan worden verkregen door middel van de traditionele onderwijsmethode die teruggaat tot aan de rishis, de zieners van de Upanishads. Je hebt een leraar nodig die deze kennis zelf via deze traditionele onderwijsmethode heeft ontvangen van een leraar die ook les gaf in die onderwijstraditie. Je kunt de Upanishads zien als een juwelenkist. Als je die wilt openen heb je een sleutel nodig. Die sleutel is de specifieke traditionele onderwijsmethode, ofwel de leraar die in die specifieke onderwijsmethode is opgeleid. De visie van de Upanishads is niet enkel dat we bewustzijn zijn, maar dat we gelijk zijn aan Īśvara, de oorzaak van de wereld. Het is niet eenvoudig. Er komt veel bij kijken.”

Wat wil je met dit boek bereiken? 

“Met dit boekje wil ik de lezer een introductie bieden en een ingang tot deze kennis. Ik wil de waarde van deze oude teksten, voor het begrijpen van onszelf, duidelijk maken. Het gaat over zelfkennis; over wie wij in feite zijn. In ons dagelijks leven ervaren we conflicten, met anderen, maar ook in onszelf. We voelen boosheid, schuld, angst, verdriet. We zoeken naar middelen om dat niet meer te voelen. Vaak denken we daarvoor materiële zaken nodig te hebben, een mooie jurk, snelle auto, andere partner etc. We voelen ons bij het verkrijgen ervan tevreden en blij. We zijn even vrij van alles wat ons dwars zat. Maar dat gevoel is snel weer verdwenen. Dan gaan we weer verder zoeken. Deze oude teksten leren ons dat we niet hoeven te zoeken, maar dat we niets anders nodig hebben dan de kennis over wie we eigenlijk zijn.”

Voor wie heb je het geschreven?

“Voor iedereen die hierin geïnteresseerd is. Voor mensen die zoeken naar wie ze in wezen zijn. Meestal hebben deze mensen al ervaren dat materieel bezit niet blijvend gelukkig maakt en hebben ze al overal gezocht, in therapieën, filosofische en religieuze stromingen. Voor yogadocenten kan het boekje ook nuttig zijn. Zij horen tijdens hun opleiding over Vedanta en de Upanishads en willen er vervolgens meer over weten.”

Op de achterzijde van je boekje staat dat de teksten in de Upanishads ons antwoord geven op bijvoorbeeld de vraag: wat is geluk en hoe bereik je dat? Wil je daar nog iets meer over vertellen?  

“Geluk is niet iets wat afhankelijk is van de omstandigheden, van dingen uit de buitenwereld. Geluk is je eigen natuur, maar je ervaart het maar af en toe. Geluk zit niet in een kopje thee, niet in een fijn gesprek, niet in een mooie jas en niet in een lieve partner. Je bent geluk. Dit is niet iets om te ervaren, maar om helder te gaan zien. Wil je dit echt gaan begrijpen, zoek dan een leraar die is opgeleid in traditionele Advaita Vedanta en waar je systematisch onderwijs kunt volgen. Over de hele wereld geven leerlingen van Swami Dayananda dit onderwijs door. Mijn man Rommert geeft les in Nederland (zie www.advaita.nl).”

Is het zo dat jij nu altijd een tevreden mens bent?

“Ik heb gevonden wat ik zocht. Er is een basistevredenheid, een diepe rust. Ik hoef dat niet meer in de buitenwereld te zoeken. Het is niet zo dat ik me nooit meer boos of verdrietig voel, maar nu begrijp ik dat gevoelens niet echt met mij te maken hebben. Het zijn gedachten in mijn geest die die gevoelens veroorzaken. Vaak vanuit onbewuste, onverwerkte zaken van vroeger. Ik heb geleerd daar rustig naar te kijken en ze te verwelkomen. Elke emotie is in orde. De gehele wereld is niets dan kennis, intelligentie; één feilloze orde. Alles is een glorie. Daar kan ik steeds meer van genieten.”

De omslag van het boek Sleutel tot de Upanishads
Sleutel tot de Upanishads
Paperback, 76 pg.
€ 10,-
Bestel hier (gratis verzending)

Geplaatst op Geef een reactie

Is een spirituele ervaring verlichting?

spirituele ervaring

Een ervaring van eenheid, waarbij er niets te wensen was. Een ervaring waarbij je een grote verbondenheid voelde met alles om je heen. Of waarbij je enkel nog het besef had: ik ben. Een spirituele ervaring kan allerlei vormen aannemen. Maar is een spirituele ervaring verlichting? Om deze vraag te beantwoorden onderzoeken we in dit artikel wat verlichting is én wat spirituele ervaring is volgens de traditie van Advaita Vedanta.

Een spirituele ervaring is vaak heel intens en blijft je altijd bij. Sommige mensen beschrijven het als een zegen, omdat je even een inkijkje kreeg in de diepere werkelijkheid van het leven. Het stelde gerust of bracht nieuwe inspiratie. Anderen zien zo’n ervaring als een moment van ontwaken, als verlichting. Hoe kijkt de traditie hiernaar?

In Advaita Vedanta gebruiken we het woord verlichting in de zin van bevrijding (moksha). Bevrijding van wat? Bevrijding van alles wat we niet willen, waaronder verdriet, pijn, schuld, onwetendheid en sterfelijkheid. Kortom, totale vrijheid.

Het bijzondere is dat Vedanta niet belooft dat je ooit bevrijd zult worden. Vedanta zegt: je bent al vrij. Dit is iets om te ontdekken. Hoe? Door je verkeerde conclusies en overtuigingen over jezelf kwijt te raken. Geleidelijk ga je door het onderwijs van Vedanta je eigen vrijheid heel helder zien. ‘As clear as daylight’, zoals Swami Dayananda zo mooi zei. Dit proces kunnen we verlichting noemen: de duisternis van onwetendheid verdwijnt.

Universele verwarring en onwetendheid

We maken als mens een universele vergissing over onszelf. We vereenzelvigen ons met het lichaam, de zintuigen en geest. Als het lichaam ziek is, ben ik ziek, als er verdriet is in de geest, ben ik verdrietig, als de ogen achteruitgaan, ben ik slechtziend. Deze identificatie is sterk en zijn we gewend, maar tegelijkertijd vinden we het ook heel normaal om deze elke nacht los te laten. We doen stiekem niets liever! De diepe slaap is een heerlijke staat, omdat we ons lichaam, onze zintuigen en geest niet ervaren. Onze beperkende overtuigingen over onszelf, onze zorgen en angsten; ze zijn allemaal onderbroken. Slapen is een soort mini-verlichting.

De diepe slaap laat zien dat we meer zijn dan het lichaam, de zintuigen en de geest. We kunnen de identificatie hiermee loslaten en blijven toch bestaan. Als we twijfelden of we zouden verdwijnen in diepe slaap, dan zouden we er alles aan doen om wakker te blijven! ‘Ik ben’ blijft aanwezig, al ben je je daar niet van bewust tijdens de diepe slaap. Bij het wakker worden zeg je ‘ik heb als een blok geslapen’. Je was er wel, maar je was je nergens bewust van.

Bewustzijn is de werkelijkheid

Vedanta leert ons te herkennen dat deze ‘ik ben’ altijd aanwezig is. ‘Ik ben’ is gelijk aan ‘bewustzijn is’. Dit bewustzijn is de werkelijkheid van ieder wezen en de oorzaak van het universum. Vedanta onthult: dit bewustzijn is vrij, onaangetast, onbegrensd. Dat ben jij.

De duizenden jaren oude onderwijstraditie heeft deze kennis over onszelf van leraar op leerling overgedragen. Hierdoor is deze zelfkennis, en ook de methode om deze te onderwijzen, nog altijd beschikbaar. Door met een open houding te luisteren naar het onderwijs van de Upanishads, de Bhagavad Gita en andere Vedanta-geschriften raken we geleidelijk onze verkeerde conclusies en overtuigingen over onszelf kwijt. We gaan dan steeds beter begrijpen wat Vedanta bedoelt met de bewering: je bent vrij.

Kortweg is verlichting volgens Advaita Vedanta dus: heldere kennis van het onbegrensde bewustzijn (brahman) als jezelf.

De aard van spirituele ervaringen

Nu dan de vraag: is een spirituele ervaring verlichting? Zorgt een ervaring voor heldere kennis over mijzelf? Een ervaring gaat voorbij en vervolgens moeten we er zelf woorden aan geven. De ervaring zelf spreekt niet. Misschien omschrijven we de spirituele ervaring als ‘eenheid’, ‘leegte’ of ‘licht’. We interpreteren zelf achteraf wat de ervaring betekent. Zo kunnen we overigens ook beslissen dat de ervaring een ‘verlichtingservaring’ was.

Spirituele ervaringen kunnen een zegen zijn, maar in zekere zin ook een vloek. Een zegen, omdat ze je kunnen inspireren om meer te weten te komen over de diepere werkelijkheid van jezelf en het leven. Je hebt iets anders ervaren dan het alledaagse. Dit kan je op het spoor zetten van een serieuze spirituele zoektocht.

Een spirituele ervaring kan je ook ongelukkig of eenzaam maken. Stel dat je jezelf na zo’n ervaring het stempel ‘verlicht’ geeft. Deze nieuwe status moet je vervolgens vol zien te houden. Of je krijgt een hevig verlangen naar nog zo’n zelfde ervaring en denkt dat je geluk daarvan afhankelijk is. Ook kun je afkerig worden naar de normale interactie met de wereld, omdat het je verlichtingservaring in de weg lijkt te zitten.

Omdat een ervaring niet spreekt en je dus niet direct wijzer maakt, kan zij niet de verlichting geven waar Vedanta op doelt. Een spirituele ervaring kan je beperkende overtuigingen tijdelijk onderbreken, maar levert je niet de heldere kennis op die je permanent vrij maakt van de verwarring over jezelf.

Elke ervaring is spiritueel

Vedanta heeft een unieke kijk op spirituele ervaringen. Vedanta zegt: wat je ook ervaart, of het nu een regenboog of een vuilnisbak is, je ervaart altijd het onbegrensde zelf; het zelf dat je verlangt te zijn. Ondanks de relatie tussen subject en object – de ziener en het geziene, de kenner en het gekende, de denker en de gedachte – is er enkel één onveranderlijk, onbegrensd bewustzijn. Subject en object lijken verschillend, maar zijn in werkelijkheid gelijk.

Door onwetendheid en vergissing zien we dit bewustzijn aan voor enkel het subject, de ervaarder, verschillend van dat wat ervaren wordt. In werkelijkheid is er één onbegrensd bewustzijn. Het is het water in de golven en oceaan, het goud in alle gouden sieraden. Het is de werkelijkheid van al onze ervaringen.

Je hebt geen speciale ervaring nodig van het onbegrensde, van jezelf. Wat je hoort, wat je ziet, is die onveranderlijke werkelijkheid. Je kunt het onbegrensde bewustzijn (brahman) niet mislopen.

‘Dit wat zich voor u bevindt, is enkel de onsterfelijke brahman.
Wat achter u is, is brahman. Wat aan uw rechterkant en aan uw linkerkant is, is brahman.
Beneden en boven spreidt brahman zich uit. Deze wereld is niets dan deze meest verheven brahman.’
– Mundaka-upanishad 2.2.12

Omslag boek Sleutel tot de Upanishads

Uit het boekje ‘Sleutel tot de Upanishads’:
“De wereld is niets dan brahman, bestaan-bewustzijn-onbegrensdheid (sat-cit-ānanda). Elke ervaring onthult dit. Wat we ook zien, horen of denken. Het is altijd bestaan-bewustzijn-onbegrensdheid plus iets dat ervaren wordt. Wat ervaren wordt is enkel schijnbaar en verandert voortdurend, terwijl bestaan-bewustzijn-onbegrensdheid werkelijk is en onveranderlijk.

Deze kennis verzwelgt het idee een beperkt individu te zijn. Denken dat waargenomen verschillen in de wereld werkelijk zijn, zorgt voor het gevoel klein, gebonden en gebrekkig te zijn. Door de kennis van het zelf verdwijnt deze onwetendheid.”


Vedanta is gericht op het begrijpen van de aard van ervaring, niet op het krijgen of begrijpen van specifieke spirituele ervaringen. Elke ervaring is spiritueel. Er is niets buiten bewustzijn. Bewustzijn is onbegrensd, één, non-duaal. Ondanks de ervaring van dualiteit, van verdriet, haat of onwetendheid, ben ik vrij van elk gebrek. Dit is iets om te weten, niet om te ervaren, want elke ervaring is bewustzijn.

Het willen ervaren van eenheid of de werkelijkheid is geen heilzaam streven, omdat je daarmee de aanwezigheid van het onbegrensde zelf ontkent. Wanneer zal de ervaring van het onbegrensde bewustzijn beginnen? Het kan nooit beginnen, want bewustzijn is altijd aanwezig, in elke ervaring. Dit is iets om goed te begrijpen.

Brahman willen ervaren

Als je zegt: ‘Ik begrijp Vedanta, maar ik ervaar het niet. Ik ervaar verdriet, ik maak me zorgen over mijn lichaam, ik heb verlangens. Ik wil brahman (het onbegrensde) ervaren.’ Dan betekent dit dat de aard van brahman, van jezelf, nog niet helder begrepen is. Het vergt tijd. Systematisch onderwijs van een traditionele leraar, waarbij stap voor stap alle vergissingen weerlegd worden, is essentieel.

Een andere voorwaarde is dat je klaar bent voor deze kennis. Alleen een emotioneel stabiel persoon kan zich deze zelfkennis toe-eigenen. Vedanta laat zien dat ik onbegrensd ben, vol, compleet, de bron van geluk. Maar als ik een hekel heb aan mezelf, als ik een diepe pijn ervaar en weinig eigenwaarde heb, hoe kan ik deze kennis dan toelaten? Vedanta werkt alleen als je van jezelf hebt leren houden. Daarom is zelfzorg heel belangrijk. Dat kan in de vorm van yoga, gezond eten, sporten, in therapie gaan, etc. Net wat je nodig hebt.

Wanneer je voldoende eigenwaarde hebt ontwikkeld en je geest is relatief kalm, dan zul je jezelf kunnen begrijpen als absoluut vrij van pijn en schuld. Als de bron van geluk. Als het meest significante in de wereld. Als de oorzaak van de wereld en als het zelf in alle wezens.

‘Degene wiens geest standvastig is dankzij contemplatie, en die in alle situaties de visie van gelijkheid heeft, ziet het zelf in alle wezens en ziet alle wezens in het zelf.’
– Bhagavad Gita 6.29

Heb je hier een vraag of opmerking over? Laat deze dan hieronder achter of mail naar manon@viveki.nl

Wil je meer lezen? Bekijk hier ons leesadvies.
Heb je interesse in traditionele studie van Vedanta? Kijk dan op www.advaita.nl

Geplaatst op Geef een reactie

De Upanishads: het grootste geheim

De Upanishads zijn de belangrijkste spirituele teksten uit de Vedische cultuur. Samen met de Bhagavad Gita en de Brahmasutra’s vormen ze de basis van Advaita Vedanta, een duizenden jaren oude, levende traditie van spiritueel onderwijs. Eén van de betekenissen van het woord ‘upanishad’ is ‘groot geheim’. Ze onthullen namelijk een groot geheim over onszelf: dat we alles zijn wat we zoeken in het leven, dat we vrij zijn van elk gebrek. Hoe komt het dat deze zelfkennis een geheim is? En hoe kunnen we het leren kennen?

In zijn commentaar op de Taittiriya-upanishad schrijft Adi Shankaracharya: ‘Van alle kennisdisciplines die geheim zijn, is de kennis van de Upanishads het grootste geheim.’

De kennis van bepaalde geneeskrachtige kruiden en marma’s (drukpunten op het lichaam) is voor veel mensen niet beschikbaar. Elke uitvinding waar patent op rust is een geheim. Maar van alle geheimen is de kennis van het zelf (ātmā) het grootste geheim. Deze kennis leidt tot absolute vrijheid (mokṣa) en voldoening. Geen van de andere kennisdisciplines kan ons dit bieden.

‘Wanneer je dit grootste geheim kent, zul je vrij zijn van alle tegenspoed.’
– Bhagavad Gita 9.1

Het doel van het onderwijs van Advaita Vedanta is dat we gaan begrijpen dat we volledig acceptabel zijn, vrij van elke beperking, onbegrensd. De Upanishads en de Bhagavad Gita ontvouwen dat de beperkingen zoals verdriet, sterfelijkheid en onwetendheid slechts schijnbaar zijn en dat het werkelijke zelf onbegrensd bewustzijn (brahman) is.

Het zelf is niet waarneembaar

Deze kennis is een geheim, omdat het zelf niet te kennen is met onze gebruikelijke kennismiddelen; waarneming en gevolgtrekking. Waarneming en op waarneming gebaseerde gevolgtrekkingen zijn enkel nuttig om dingen te leren kennen die we kunnen objectiveren. De kennis over het zelf gaat over het enige subject, ik; de kenner die de wereld waarneemt.

De Upanishads vormen een extern kennismiddel in de vorm van woorden, speciaal om ons zelf te kennen. Deze woorden zijn duizenden jaren geleden geopenbaard aan rsi’s (zieners), degenen die de mantra’s hebben gehoord. Via verfijnde onderwijsmethodes en dankzij de duizenden jaren oude onderwijstraditie, kunnen we ons zelf ‘zien’ in de spiegel van woorden, ontvouwd door een leraar.

Toegankelijk en toch ook niet

Honderd jaar geleden waren de Upanishads alleen toegankelijk voor wie het Indiase woud in trok op zoek naar een leraar die daar in de stilte contempleerde en onderwees. Nu is de kennis van de Upanishads zeer toegankelijk, ook voor westerlingen. Op internet kun je de teksten lezen in verschillende talen. En er zijn vele traditionele leraren die deze kennis onderwijzen, ook via online lessen. Dit is voor een groot deel te danken aan mijn leraar Swami Dayananda en zijn meerjarige Vedanta en Sanskriet-opleidingen.

En toch blijft deze kennis ook nu een groot geheim. Sommige geheimen blijven namelijk een geheim, ook al worden ze onthuld. Als je voor het eerst leest of hoort dat je in werkelijkheid onbegrensd bewustzijn bent, dan begrijp je dit niet volledig. Dan blijft het een geheim voor je.

‘De een ziet dit zelf als een wonder. De ander spreekt over dit zelf als een wonder. Een volgende krijgt te horen dat het zelf een wonder is. Weer een ander, zelfs nadat hij erover gehoord heeft, begrijpt dit zelf niet.’
– Bhagavad Gita 2.29

De Upanishads geven aan dat het proces naar standvastige zelfkennis uit drie onderdelen bestaat:

  • Shravanam – met een onderzoekende houding luisteren naar de woorden van de Upanishads, ontvouwd door een bekwame leraar.
  • Mananam – het analyseren van andere standpunten en filosofische stromingen onder begeleiding van een leraar, om de kennis die verkregen is door shravanam standvastig te maken, vrij van twijfel.
  • Nididhyāsanam – zelfstandige contemplatie op het zelf als de verkregen visie helder is.

Ook geven de Upanishads aan dat de leerling klaar moet zijn voor dit leerproces. Naast een bekwame leraar, die de geschriften kent en standvastig is in zelfkennis, vraagt deze kennis ook iets van de leerling. De boodschap van de Upanishads staat namelijk lijnrecht tegenover ons huidige, beperkte zelfbeeld. Ook al krijgen we langdurig en systematisch Vedanta-onderwijs, we hebben een intellect nodig dat scherp genoeg is om het onderwijs te volgen en een emotionele volgroeidheid om de ontdekte feiten over onszelf te kunnen verwerken. Ook hiermee helpen de Upanishads ons op weg door kwaliteiten te noemen die we kunnen ontwikkelen als voorbereiding op deze kennis.

De Brhadāranyaka-upanishad (mantra 4.4.23) zegt:

‘Iemand die brahman (onbegrensd bewustzijn) op deze manier kent, en die innerlijke kalmte heeft en beheersing over de handelingsorganen, die geen eigenaarschap kent, die situaties objectief accepteert en die een geconcentreerde geest heeft, ziet het zelf waarlijk in zichzelf (in het intellect).’

Een traditionele leraar onderwijst daarom niet alleen zelfkennis, maar ook deze kwaliteiten die nodig zijn om deze bijzondere kennis te begrijpen en te verwerken. Anders blijft de kennis van het zelf een geheim.

Verder lezen over de Upanishads? Bestel het boek ‘Sleutel tot de Upanishads’ voor €10,- (gratis verzending).